RE: Burojeugdzorg en AWBZ indicatiestellingen belang Nederlandse sektes plus uitleg en toelichting ontvangstbrieven

Link:Ruud 5 thema’s

Ik schreef boos 2 A4 velletjes terug naar Groenlinks met de voorspellingen onder de noemer “Wist u dat ” en waar ik voor de naaste toekomst zou constanteren dat burgers meer een beroep zouden gaan doen op advocaten en juridische bijstand om hun sociale en zorgrechten veilig te stellen,dat de Rijksoverheid wet en regelgeving zouden veranderen en vermeerderen zoals dat het geval was later met de nooit uitgevoerde Welzijnswet.Ook dat opeenvolgende regeringen met een overdreven betuttelingschampagnes zou beginnen zoals dat met Postbus 51 het geval is en dat bepaalde organisaties zoals de stichting Ombudsman het drukker zouden krijgen en op eigen benen moesten gaan staan,in dit geval is het kenmerkend dat de Nationale Ombudsman het steeds drukker kreeg maar een fractie van klachten tegen de Rijksoverheid toegestuurd krijgt omdat de burgers het moe zijn  nog langer contact te zoeken met een plunderende handelsonderneming die het landschap beschadigd en ontwricht met peperdure megaprojecten die de investeringen doen oplopen en waarvan het resultaat nihil is.
Voorbeeld de Haagse tramtunnel die de luchtvervuiling in de binnenstad meer deed toenemen dan verminderen omdat autobezitters zeer gehecht zijn aan hun staussymbolen.
Ik merkte toen ook op in deze brieven aan Groenlinks dat kerkelijke organisaties meer economische en politieke invloed zouden krijgen en waar zij beleid en uitvoering op gebied van maatschappelijke problemen die door dezelfde overheden zijn veroorzaakt ( zie bezuinigingen kabinetten Lubbers en herziening zorgstelsel en welzijnsbeleid)zouden overnemen en daar door dezelfde overheid zwaar worden gesubsidieerd met als debacle de uitbreiding van de AWBZ voorzieningen in 1989 waar woon/zorg/welzijn werden gecombineerd en corporaties zich op een hellend en malafide vlak begaven door op dit gebied commerciele activiteiten te ontplooien waar zij geen kennis van zaken hebben (zie RIBW”s beschermde woonvormen)en zelf de rechten van clienten schenden door over hun leven en lot te gaan beslissen wat hun nu financieel de kop kost nadat het plan Simons in de ijskast was weggeparkeerd en later door Hans Hoogervorst te voorschijn gehaald met de nieuwe zorgverzekeringswet die daarmee aangaf dat opeenvolgende kabinetten zelf hun subsidie en financieel beheer niet op orde hadden en hebben en daarvoor alsmaar de rekening op het bordje van de gefrusteerde naieve burger legt.
Uiteindelijk beeindigde ik met de zin:Wist u dat Mr. P. Rozenmoller dat het u totaal niet interresseert wat ik u schrijf en dat uw eigenbelangen voorop staan,en dat kwam ook uit na de vele opeenvolgende brieven die ik naar Groenlinks stuurde en die bij de onterechte woningontruiming 10 september verdwenen samen met de vele andere ontvangstbrieven van tweede kamerfracties,ministeries,algemene rekenkamer, en Europarlementsleden,kabinet der koningin etc.en in beslag genomen en/of vernietigd en waar ik op afstand moest toekijken hoe alles in de container werd gedonderd aan schamele bezittingen die ik had en dat was voor de tweede maal dat mij dit overkomt net als 24 oktober 2000 aan de Dokkumlaan 59 1324 AD in Almere-Stad.
Het is of je ziel uit je lichaam word gerukt zo word je als oud vuil behandeld,maar klein krijgen zij mij niet want ik ben geen gefrusteerd kuikentje Calimero zoals die politiek criminelen die geen schuld durven te bekennen inzake beleid en totaal geen gevoel hebben en respecht voor andermans gevoelens en verlangens.
En nu leef ik op straat,kan overnachten bij een kennis maar het duurt mij te lang en mijn WWB uitkering is met opzet stopgezet en het restant wat uitstond aan bedrag op mijn ING rekening gestoort in de hoop van het criminele stadsbestuur dat ik gauw opdonder uit Zwolle.
Ik stink uit mijn kleren want de dagopvang leger des heils met hun criminele medewerkers bezoek ik al maanden niet meer net als het daklozenasiel/nachtopvang Nel Banninkhuis waarvan ik mij nog steeds afvraag dat ik het 24 maanden wist uit te houden daar.
Ik melde het al,ik sta alleen en ik hoop het nog enige tijd vol te houden maar dit is van de gekke dat ik zo geterroriseerd word en zwaar geestelijk belast ondanks stalen zenuwen maar het zit tussen mijjn oren om dit vol te houden,want ik laat na een goede standvastige opvoeding mij de kop niet gek maken,maar ik walg van de huidige samenleving met de onverschilligheid en de schoften die je in de opvang en bibliotheek tegenkomt die daar de rust niet gunnen aan mensen onder druk als ik weer wat aan het uitzoeken ben en doorzend.
Het lijkt wel of dit moedwillig gebeurt om je te storen,maar ik moet tot de ontdekking komen dat de hele samenleving zowel mannen als vrouwen jong en oud gewoon egocentrische is geworden en geen rekening meer houd met normale burgers,dit volk is zwaar geestelijk ziek omdat zij geen eigen wil of karakter meer tonen en als makke schapen achter de politieke herders aan lopen die hun van alles beloven maar niet na kunnen of willen komen.
 


Dit is pagina 220 deel 2 van het onderzoeksrapport naar sektes van de Belgische Kamer 1997 naar sektes zoals Sciencetology,Zonnetempel etc. 
Zie wetsovertredingen zoals het ontvoeren van kinderen en verbergen,overtredingen van de wetgeving op jeugdbescherming (burojeugdzorg)bedriegelijke erfenisbelaging zoals het jagen op nalatenschappen door LdH,misbruik van vertrouwen zoals zich uitgeven voor hulpverlener/begeleider en dit niet waarmaken maar wel client sektariische evangelisatiepraktijken opdringen.In dit kader valt ook afpersing(het verplicht afgeven van inkomsten anders volgt er geen opname in opvang en dus tevens overtreding van artikel 255 van wetboek van strafrecht verlating van hulpbehoevenden.Oplichting:het doen van beloftes van hulp en deze niet nakomen en client onder druk zetten tot bezoeken aan psychiaters om zo indicaties te verkrijgen op onrechtmatige gronden voor AWBZ verlening voor niet geleverde prestaties/begeleiding.

Psychiaters werkzaam voor leger des heils plegen valsheid in geschrifte door diagnosestelling vast te stellen aan psychische problematieken bij clienten die niet te bewijzen zijn door hersenscans of bloedproeven en dus deze diagnoses op papier  zetten en verklaren voor begeleiders leger des heils.
Aantasting van de geestelijke en lichamelijke integriteit van LdH clienten door hen in diskrediet te brengen middels valse rapportages in Cleverclientvolgsysteem als dakloze clienten met klachten komen bij controlerende instanties of niet onafhankelijke clientenraden en klachtencommissies,lichamelijke integriteit bij klachten of calamiteiten clienten schorsen  of opvanginstellingen uitzetten ook bij  ijzige vorst en barre weersomstandigheden zodat client gevaar loopt.
Niet-inachtneming van de sociale wetgeving,(het stopzetten van postadressen waarbij dakloze clienten geen WWB uitkering meer kan genieten voor levensonderhoud zoals geval R. Donker)uberhaupt een vreedme zaak waarom een sektebeweging of RIBW postadressen mag vergeven dit is een taak van gemeentelijke overheden.
Schending van de wet wat betreft de persoonlijke levenssfeer(dakloze clienten die geen privacy genieten binnen sociaal pensions en dag of nachtopvang,crisisopvang.
Mensenhandel:het doorlopend uitwisselen van dakloze clienten en/of zwerfjongeren tussen andere AWBZ instellingen en gemeentes en die weer terug keren in oude situatie en waar ook geen zorg en hulpverlening word geboden,geld ook voor de beschermde woonvormen en zelfstandig wonen onder zogenaamde begeleiding er is geen nazorg etc.
Vereniging of stichting die misdrijven pleegt oprichten denk aan bedriegelijke woonbegeleidingstrajecten(LdH Almere,2001 w.b.t. Antennion) waar dakloze clienten financieel afgeperst worden,verplicht worden hun uitkering/inkomsten op rekening van de stichting te storten die deze gelden beheert. waar zij voor een kamertje 550 euro per maand moeten betalen,tientje zakgeld per week en een verplichte keuring bij een psychiater voor onrechtmatige indicatiestelling voor aanvraag AWBZ.

 Waar zijn de AWBZ/PGB gelden aan besteed Leger des Heils Nederland? Niet aan dak en thuislozen.

Fraude

Link:http://www.eenvandaag.nl/binnenland/31265/financi_le_onduidelijkheid_leger_des_heils

          Rapport Mosterd 070410 zonder bijlagen

Begin 2007 schreef Dagblad De Pers over beschuldigingen van fraude afkomstig van oud-cliënten van het Leger des Heils. De organisatie zou maandelijks ruim honderd euro teveel inhouden op uitkeringen, en tevens uit naam van thuislozen een vergoeding voor psychische zorg innen, terwijl dergelijke hulp niet nodig was, en ook niet geleverd zou zijn. Het Leger des Heils zelf verwierp alle beschuldigingen, en stelde dat alleen zorg die is aangevraagd en geleverd zou worden gedeclareerd.[8][9] Uiteindelijk bleek uit onderzoek van een onafhankelijke onderzoekscommissie onder leiding van dr. A. Mosterd dat deze beschuldigingen volledig ongegrond waren.[10]

Eind 2007 schreef het Haarlems Dagblad over cliënten van Leger des Heils pension De Hoeksteen, waarvoor zonder toestemming specialistische hulp zou zijn aangevraagd. Volgens Edo Paardekooper Overman, de woordvoerder van de bewoners, zou de AWBZ indicering gedaan zijn om financiële nood van het Leger op te lossen. Het Leger des Heils stelde dat er niets gebeurd zou zijn wat niet door de beugel kan, bewoners zouden niet voor niets in een pension zitten, en de aanvraag zou met alle bewoners besproken en door iedereen ondertekend zijn. Volgens Paardekoper heeft niet iedereen getekend, en zouden bewoners zich gestigmatiseerd voelen.[11][12]

Het onzinverhaal van de leidinggevenden van sociaal pension Arcuris Almere  in de Trouw waarin zij mij R.Donker trachten te stigmatiseren als zijnde een zorgwekkende zorgmijder om zo hun pseudo-werkgelegenheid veilig te stellen,uiteindelijk is dit sociaal pension gesloten wegens disfunctioneren en de desbetreffende wethouder zorg en welzijn Almere met een motie van wantrouwen van Leefbaar Almere maar opgestapt in 2004.

In tegenstelling wat begeleiders van het Leger des Heils melden in de media en vertellen aan hun clienten komen de subsidies niet van God of van “christenen met sociaal gevoel” want die bestaan niet,maar subsidieerd de Rijksoverheid/belastingbetalers het gijzelen en van hun sociale rechten afhouden van hun medemensen in de walgelijke opvanginstellingen en kunnen medewerkers van deze organisaties aangemerkt worden als criminelen die met medewerking van verraderlijke daklozen/meelopers voor wat muntjes goedwillende daklozen en kansarmen de grond in trappen ten behoeve van de hebzuchtige meerderheid van de Nederlandse bevolking,zij zullen nooit kunnen zeggen dat zij het niet hebben geweten.

Beschaving viert geen hoogtij maar hebzucht en afgunst,en daarom kent Nederland ook geen ziel

 

Home » Dossiers» Jeugdzorg

Jeugdzorg

Jeugdzorg De jeugdzorg in Nederland ligt met enige regelmaat onder vuur. Netwerk berichtte onder andere over pubers die zonder iets te hebben misdaan, in de gevangenis belandden. Ook schonken wij aandacht aan seksuele misstanden in een jeugdinrichting. Alles over jeugdzorg in dit dossier.Foto, ANP
 
Filteren op

< Alle >ArtikelWeblog berichtDebatExtra materiaal (downloads)Extra materiaal (video)Reportage
 

Artikel

Jeugdzorg: Veiligheid in de pleegzorg moet beter

De Inspectie Jeugdzorg stelt het heel omzichtig: “De veiligheid van kinderen in de pleegzorg was in voorgaande jaren soms nog onvoldoende gegarandeerd.” Vandaag bracht de Inspectie haar Jaarbericht 2009 uit en daarin werd speciaal aandacht gevraagd voor de veiligheid in de pleegzorg.

verder

Getuigenverhoren in zaak baby Lani

Netwerk berichtte hier eerder over – Alle betrokkenen rondom de vermeende mishandeling van baby Lani uit Slagharen moeten onder ede worden gehoord. Dat heeft de rechtbank in Zwolle vandaag besloten.

verder

‘Illegale’ kinderen mogen niet meer op straat gezet worden

Kinderen hebben recht op bescherming en die vind je niet op straat, dat is kort gezegd de conclusie van het Europees Comité voor Sociale Rechten in een klacht van Defence for Children tegen Nederland.

verder

Kwaliteitseisen jeugdzorgaanbieders verplicht voor plaatsing buitenland

In Netwerk was twee weken gelden het verhaal te zien van William (12) en Nick (15) die in een nare situatie terechtkwamen nadat ze door jeugdzorg naar het buitenland werden gestuurd. Zo moesten ze bij hun gastgezin zware lichamelijke arbeid verrichten en was er nauwelijks contact met hun ouders.

verder

‘Jeugdzorg handelde onprofessioneel’

Netwerk berichtte hier eerder over – De Nationale Ombudsman heeft na twee jaar het rapport afgerond over de uithuisplaatsing van de destijds zevenjarige Linda door Bureau Jeugdzorg.

verder

Hoogleraar Hermanns: veel aanmeldingen jeugdzorg onnodig

Veertig procent van de kinderen en jongeren die zich melden bij een Bureau Jeugdzorg heeft zulke lichte problemen dat ze helemaal geen professionele zorg nodig hebben.

verder

Jonge Australische mag wel in haar eentje rond de wereld zeilen

Netwerk berichtte hier eerder over – De Australische zeilster Jessica Watson (16) mag in tegenstelling tot de Nederlandse Laura Dekker (13) wel in haar eentje rond te wereld zeilen.

verder

Rouvoet reageert in een schriftelijke reactie

Minister Rouvoet voor Jeugd en Gezin: ” Kinderen zijn er niet mee geholpen als ouders naar het buitenland verhuizen om de jeugdbescherming te ontlopen.

verder

Onderzoek jeugdzorg (overzicht belangrijkste resultaten)

Politici begrijpen wat ons werk inhoudt
Mee oneens: 81% (totaal = alle jeugdzorgmedewerkers).
Mee oneens: 85% (medewerkers Bureau Jeugzorg).

verder

Medewerkers jeugdzorg: weinig vertrouwen in politici

Drie kwart van de ondervraagden gelooft niet dat de wachtlijsten in de jeugdzorg eind dit jaar zijn opgelost, iets waar minister Rouvoet zich hard voor maakt.

verder

 
« eerste‹ vorige123456volgende ›laatste »
 
 

 Omroep.nl 
 TV gids 
 Radio gids 
 Uitzendinggemist.nl 
 Zoek 


 
 Buitendienstmedewerker Ron Thomlinson over nalatenschappen:
“Bijzondere verhalen”
Na het overlijden geld nalaten aan een goed
doel. Veel mensen doen het en het Leger des
Heils is meer dan eens, een van die goede
doelen. Vier medewerkers van de afdeling
Fondsenwerving & Marketing hebben er zelfs
een dagtaak aan. Een van hen is Ron Thomlinson
(64). Een man met een baan die vaak bijzondere
ontmoetingen oplevert.

SK nummer 1-2009
4
Hij heeft nog een jaar te gaan voor zijn pensioen, maar
denkt er niet over om vervroegd de harp aan de wilgen
te hangen. Ron Thomlinson. Een Brit die jaren geleden
het Kanaal overstak om voor het Leger des Heils in
Nederland te gaan werken en besloot te blijven. Hij was
heilsofficier, redacteur van Strijdkreet, schreef een bio-
grafie over een generaal van het Leger en is nu al bijna
tien jaar buitendienstmedewerker nalatenschappen. “Ze
zochten iemand die pastoraal werk wilde doen voor de
mensen die hadden aangegeven dat ze hun geld zouden
nalaten aan het Leger. Dat betekende dat ik een keer
per jaar op bezoek ging bij die mensen en beschikbaar
was voor pastorale zorg als er problemen waren.” De
verhalen die hij in die gesprekken hoorde, waren soms
erg extreem. “Ik heb wel eens gedacht dat ik alles al zo’n

beetje gehoord had, maar ik kom er nog bijna dagelijks
achter dat het niet zo is.”

Volgens Thomlinson heeft het Leger des Heils op het
gebied van nalatenschappen bovendien een, wat hij
noemt, Unique Selling Point, het persoonlijke contact.
“Als iemand aangeeft het Leger des Heils iets te willen
nalaten, is het nog steeds zo dat wij, van ons uit, het
contact onderhouden. Mijn collega’s en ik zijn zelden
achter onze bureaus te vinden, we gaan het land in.” Het
werk dat de vier buitendienstmedewerkers die zich met
nalatenschappen bezighouden (Jan Nieuwland, Fred
van der Woude, Geert Scholten en Ron Thomlinson
zelf ), is in de loop van de jaren veranderd, geprofes-
sionaliseerd. “Als iemand het Leger des Heils iets wil
nalaten, dan zijn wij in staat om, als dat aan de orde is,
alles te regelen. We kunnen dan bijvoorbeeld executeur
zijn, de uitvaart regelen en leiden, het huis uitruimen en
ervoor zorgen dat de inboedel een goede bestemming
krijgt. We kunnen alles veilen wat van waarde is, zoals
antiek of sieraden en de woning (als het een huurwo-
ning is) bezemschoon opleveren. Als het een koophuis
is, kunnen we het verkopen, maar ook de auto, de cara-
van en noem maar op. Wij hebben de kennis en vaardig-
heden in huis om voor alles, tot op de laatste theelepel,
te zorgen. Als mensen met wie we contact hebben een
gesprek willen of in geestelijke nood verkeren, vragen

we een heilsofficier (voorganger
van het Kerkgenootschap Leger
des Heils, red.), om contact op te
nemen voor een gesprek. Maar
soms lukt dat niet vanwege bij-
voorbeeld de afstand tot een
korps (kerkelijke gemeente) en
gaan we nog steeds zelf naar de
mensen toe. Ze zijn ons letterlijk
een zorg.”

De redenen waarom mensen
ervoor kiezen om geld na te
laten aan een goed doel als het
Leger des Heils zijn divers, maar
soms van een verbluffende een-
voud. “Een van mijn laatste con-
tacten betreft een echtpaar dat
alles nalaat aan het Leger des
Heils. De reden is dat er trouw,
jarenlang, een heilssoldaat met
Strijdkreet bij hen aan de deur
kwam en om wat ze in dat blad lazen.” Onder hen die
het Leger iets willen nalaten, zijn er ook die kinderen hebben. Waarom laten die hun geld dan toch na aan een                                ondertekening van het Micha manifest door Mevr. Ine Voorham leger des Heils Welzijnszorg,solidair met de kansarmen(ldh medewerkers) over de ruggen van dak en thuislozen die financieel uitgekleed worden plus de AWBZ premiebetalers.

goed doel? Ron Thomlinson: “Veel kinderen hebben het
beter dan hun ouders het ooit gehad hebben en zitten
eigenlijk niet echt te springen om het geld. Bovendien
zeggen de ouders vaak: ‘Ik heb niet zo hard gewerkt en
voorzichtig geleefd om mijn kinderen een vakantie                                                                                                                                                       .
iets anders mee doen, iets goeds.”                                                                                                                                              

De eerste vraag die Thomlinson en zijn collega’s aan
iemand stellen die contact opneemt met het Leger des
Heils om zijn of haar geld na te laten, is “waarom?”
De antwoorden op die vraag leveren soms bijzondere
verhalen op. “Het mooiste verhaal voor mij is dat van
een mevrouw, ze is inmiddels overleden, die geboren
werd in de crisisjaren (jaren dertig van de vorige eeuw,
red.) in Rotterdam. Zij had thuis letterlijk niets. Ze was
een prachtige vrouw om te zien en werd mannequin
bij De Bijenkorf in Amsterdam. Een van de handelaren
van de naastgelegen beurs vroeg haar ten huwelijk en
daarna hoefde ze zich de rest van haar leven nooit meer
zorgen te maken over geld.
Daarom vroeg ik haar waarom ze haar geld naliet aan
het Leger des Heils. Ze antwoordde me dat toen ze kind
was, in Rotterdam-Noord en straatarm was, ze met
Kerst altijd naar de zaal van het Leger des Heils ging.
Daar kreeg ze een sinaasappel en een beker warme cho-
colademelk. Dat was haar, haar hele leven bijgebleven,
die zorg en daarom werd het Leger enig erfgenaam.”

Er zijn volgens Thomlinson ook andere verhalen te
vertellen, zoals dat van een man die zijn geld wel wilde
nalaten aan een goed doel, maar geen vertrouwen had
in de organisaties. “Hij zei tegen mij: ‘Jullie zijn de beste
van de slechtste’, dat maken we ook mee.”
Omdat de subsidie die het Leger des Heils voor zijn
werk krijgt niet al het werk dekt, zijn nalatenschap-
pen een belangrijke bron van inkomsten. “Wat veel

mensen niet weten”, zegt Ron
Thomlinson, “is dat het mogelijk
is om het geld dat je nalaat, te
oormerken, te labelen. Zo was
er een mevrouw die met haar
man, hij werkte voor Shell, in
Brazilië had gewoond en wist dat
er een kinderhuis van het Leger
des Heils was. Ze wilde het geld
specifiek daarvoor bestemmen
en dat kon. ”

Het werk van het Leger des Heils,
dichtbij of veraf, brengt men-
sen ertoe om hun geld of bezit
na hun overlijden te bestem-
men voor dat werk. Volgens Ron
Thomlinson omdat het werk
van het Leger ertoe doet. “Iets
heel kleins kan veel teweeg bren-
gen in een mensenleven.” Wat
Thomlinson zelf, ook na zijn
pensioen, nooit zal vergeten, zijn de talloze ontmoetin-
gen en de verhalen.
“Als mensen eenmaal in hun leven in contact zijn
geweest met werk dat vanuit Gods liefde voor mensen
wordt gedaan, vergeten ze dat niet. Hoe klein het is of
was. Het verandert mensen.”

Jurjen Sietsema
Advertentie
SK nummer 1-2009
5
 
 
 
 
 
 
 
 

    Home    
     Articles     
     Books     
    Book Reviews     
     Interviews     
    Dutch Articles      
    About    
    Download      
    Print      

 

 

 

 

Sekten in België

Bedenkingen bij het rapport van de sekte-kommissie

 

Dr. Koenraad. Elst

1. Als sektelid voor de rechtbank

Tijdens een proces tussen ex-echtelieden over het hoederecht over hun zoontje hebben de advokaat van de vader en de rechter in hun overwegingen ten nadele van de moeder, die tot de Sahaja Yoga-beweging behoort, ook het fameuze parlementaire sekte-rapport genoemd, waarin die beweging inderdaad als “sekte” opduikt (“Vader krijgt hoederecht over uit yoga-sekte gered zoontje”, Gazet van Antwerpen, 12-6-1998). Het is dus zover: dit rapport, dat strikt genomen geen kracht van wet heeft, begint een reële impakt te krijgen. Vermelding van een vereniging of traditie in dit rapport betekent stigmatizering en zelfs voelbaar juridisch nadeel. Tijd om nogmaals te wijzen op de kwalijke aspekten van dit rapport.

Zelf sta ik (samen met alle hindoes die hun zaak kennen) erg skeptisch tegenover Sahaja Yoga (“aangeboren/spontane/natuurlijke Zelfkontrole”), een hutsekluts van personenkultus rond sekteleidster Nirmala Devi en een bijna karikaturale vorm van tantrische yoga. Deze gebreken zijn juridisch echter geen misdrijf, evenmin als de dwaalleer van gevestigde godsdiensten dat is. Merken we alleen de volgende gegevens op. Het misdrijf van de moeder was volgens het krantebericht dat zij haar zoontje tijdens de Paasvakantie niet aan de vader had overgemaakt, zoals de regeling voor bezoekrecht bepaalde. Dat een rechtbank daartegen optreedt, is normaal en vergt uiteraard geen aparte wetgeving voor “sekten” (net zoals gevallen van vrijheidsberoving, seksueel misbruik, afpersing enz. in sektekontekst perfekt met de bestaande wetgeving kunnen aangepakt worden). Of dit voldoende is om een eerder uitgesproken regeling voor het hoederecht om te keren, en zelfs om haar voor langere tijd op te sluiten (“Hof van beroep weigert vrijlating ‘sektemoeder'”, Gazet van Antwerpen, 13-6-1998), is nog maar de vraag.

De rechtbank beoordeelde de keuze van de moeder om het kind in de hermitage van de Sahaja Yoga-vereniging in Italië op te voeden (waar het kind overigens niet in isolatie maar samen met zijn moeder verbleef), als erg bezwarend. Dit ondanks een door de verdediging geciteerd Zwitsers onderzoek dat geen negatieve gevolgen had vastgesteld bij kinderen in het Indiase internaat van de vereniging (de beweging werd een jaar of wat vóór de gerechtelijke uitspraak ook verrassend vrijgepleit door Bert Claerhout, religie-redakteur van De Standaard).

Het komt mij voor dat de keuze van de moeder voor een onkonventionele religie haar juridisch duidelijk in het nadeel geplaatst heeft. Had zij haar kind in een katholiek internaat geplaatst, dan had dit natuurlijk geen rol gespeeld in de gerechtelijke uitspraak betreffende het hoederecht, zelfs niet in een hypothetisch geval waarin dit gebeurd zou zijn tegen de zin van een militant-vrijzinnige ex-echtgenoot. De door een parlementskommissie gehonoreerde notie “sekte” voert een extra diskriminatie in tussen de “erkende” religies (die reeds institution-eel en financieel bevoordeeld worden) en alle andere.

2. De sektenlijst

Als “sekte” worden ondermeer genoemd:

* de belangrijkste strekkingen in het boeddhisme: de Japanse Zen (benevens JodoShinshu en Soko Gakkai), het Theravada-boeddhisme (staatsgodsdienst in Sri Lanka, Myanmar en Thailand), het Tibetaans boeddhisme (staatsgodsdienst in Bhoetan), de Taiwanese Ching Hai-beweging;

* het taoï sme, vertegenwoordigd door “Tai-chi” en “Tao Yoga”;

*
enkele hindoe-groeperingen, nl. Hare Krisjna, Ananda Marga, Brahma Koemari’s,Krisjnamoerti, Transcendente Meditatie, Kriya Yoga (twee keer genoemd door onze deskundigen: één keer als “Yogananda”, één keer als “Self-Realization Fellowship”), Sahaja Yoga, Sathya Sai Baba, Ramchandra Mission, Siddha Yoga, en de afgeleide synkretismen van Bhagwan en het Mandarom-Aumisme;
*
het jainisme, religie van de meeste Indiase diamantairs in Antwerpen;
*
de tot de sjinto-traditie behorende Mahikari-beweging;

*kristelijk-hindoe-boeddhistische synkretismen als Theosofie en haar afsplitsing, RudolfSteiners Antroposofie.

Dit komt er praktisch op neer dat alle Aziatische tradities die niet tot de profetischmonotheï stische stroming behoren, samen met hun afgeleide synkretismen, a priori als sekte beschouwd worden. Iedereen die zijn hoofdhaar scheert, of vegetariër is, of een yin-yang-medaljon draagt, of een Boeddha op zijn schouw heeft staan, geldt tot bewijs van het tegendeel als een sektelid. Ook onze judo-kampioenen gaan niet vrijuit, want de Oosterse gevechtskunsten zijn onmiskenbaar met sjintoï sme, boeddhisme of taoï sme verbonden. De telegenieke Dalai Lama moet als sekte-agent behandeld en dus geweerd worden. En bovendien —I declare my interest –, ondergetekende heeft reeds deelgenomen aan aktiviteiten van een flink dozijn van de genoemde “sekten” (nummers 8, 16, 17, 90, 120, 141, 149, 153, 160, 168, 175, 187): aan het kruis met hem! Nochtans beantwoorden een aantal van de voornoemde tradities aan geen enkel ernstig kriterium voor wat in pejoratieve zin een sekte zou moeten zijn.

De Vrijmetselaars binnen de kommissie hebben ervoor gezorgd dat ook een aantal katholieke groepen op de lijst terechtgekomen zijn, niet alleen Het Werk en Opus Dei maar ook totaal onschuldige rozenkransgenootschappen. Kommissiewoordvoerder Luc Willems (CVP) heeft hiervoor trouwens een ferme uitbrander gekregen vanwege Frank Swaelen, zelf voorzitter van zo’n als “sekte” gebrandmerkt kransje. In vergelijking met de heidense Aziatische religies komt het kristendom er echter nog redelijk goed van af. Anders dan katholieke media zie ik achter dit dwaze doch gevaarlijke rapport niet zozeer een Logekomplot, alswel een vuist die mensen met een beperkte horizon maken tegen het onbekende.

Kristenen, vrijzinnigen en religieus ongeï nteresseerden hebben mekaar hier gevonden in een soort kollektieve afweerreaktie tegen een nieuwe wind van niet-Abrahamische religiositeit die door de steeds groter wordende kieren in het levensbeschouwelijk kondominium van kristendom en vrijzinnigheid komt waaien.

3. Definitie van “sekte”

Komen we in dit verband eens terug op het boekje van Anne Morelli: Open brief aan de sekte van de sektetegenstanders (EPO, Berchem 1997). Deze linkse ULB-sociologe betoogt volkomen terecht dat elk element dat als definiërend kenmerk van “sekten” naar voren geschoven wordt, ook bij één of meer gevestigde godsdiensten terug te vinden is. Zo klaagt het Franse sektenrapport-Vivien aan dat sekte-scholen de kinderen opsluiten in een homogeen milieu zonder levensbeschouwelijk pluralisme. Maar wat is het opzet van het katholiek onderwijs (resp. de protestantse “school met de Bijbel”, de joodse jesjiva, de islamitische madrassa) anders dan leerlingen in een levenschouwelijk “zuiver” milieu volledig te konditioneren tot trouwe vertegenwoordigers van hun geloof?

Sekten zouden een leidersfiguur hebben die zich niet in vraag laat stellen;– en de onfeilbare paus dan? Of, in breder tijdsperspektief, de voor eeuwig gezaghebbende woorden van Mozes, Jezus, Paulus, Mohammed? Sekten zouden hun leden beletten om de sekte te verlaten;– maar de islam zet de doodstraf op geloofsafval. Sekten zouden hun leden financieel afpersen middels sociale druk en bedreigingen met bovennatuurlijke gevolgen;–maar hoe is de Kerk aan haar enorme bezittingen gekomen? Hoevele brave leken hebben niet, terwille van hun eeuwige zaligheid, per testament hun bezit aan het plaatselijke klooster overgemaakt? Kloosterlingen moesten hun gebeurlijke erfenis aan hun orde afstaan, evenzo priester-leraars hun loon. Gelovigen kochten jaren vagevuur af door via “aflaten” de verfraaiing van het Vatikaan te financieren. Behalve hun geld hebben vele miljoenen trouwens ook hun leven gegeven voor het kristendom of de islam. Verminking, zelfgeseling, onderdrukking van de seksualiteit, seksueel misbruik door religieuze gezagsdragers, en noem maar op: alle bizarre en verwerpelijke verschijnselen bij de ergste sekten hebben hun precedenten in kristendom of islam, religies die door de Belgische staat gepatroneerd en gefinancierd worden.

Tenslotte wrijft men sekten ook aan dat zij hun leden in invloedrijke posten trachten te maneuvreren en politieke invloed trachten uit te oefenen. Dit is met name één van de punten waarop de Scientology Church (een New Age-beweging die een simpel soort “psychologische training voor managers” als een heuse Geheime Leer duur verkoopt) in Duitsland aangevallen wordt. Alstublieft, wie kan mij uit het aflopende millennium eens één jaar noemen waarin de Kerken of de Islam niét aan politiek gedaan hebben? Waarom hielden de jezuï eten zo aan hun rol van “biechtvaders der vorsten”? Spijts mijn skepsis jegens de inhoud van Scientology moet ik het toejuichen dat Nelly Maes, Jan Loones (VU) en Hugo Coveliers (VLD) de Scien-tology-petitie “voor godsdienstvrijheid” ondertekend hebben (“Vlaamse politici ondertekenen Scientology-petitie”, De Morgen, 3-7-1998), en dat Intermediair-hoofdredakteur Eddy Daniëls vorig jaar een media-hetze tegen zichzelf trotseerde door de kampanje tegen Scientology in vraag te stellen. Overigens wrijft de kommissie de Scientologen ook “bekeringsijver” aan, iets waaraan kristenen zich gelukkig nooit schuldig gemaakt hebben.

Hoewel de in dat verband gemaakte vergelijkingen met de jodenvervolging vooralsnog eerder grotesk zijn, doet de in sommige landen gevoerde politiek tegenover “sekten” inderdaad afbraak aan de godsdienstvrijheid. Belgische rechters kunnen het niet als bezwarend feit tegen een procesvoerder laten gelden dat hij wekelijks naar de kerk of de moskee gaat, maar wel dat hij aan yoga doet of zijn kinderen naar de Steinerschool stuurt. Het sekterapport voert onmiskenbaar een diskriminatie op levenbeschouwelijke gronden in.

De inheemse heidense religies zijn in het sekterapport grotendeels buiten schot gebleven, gewoon omdat ze nog niet genoeg in de kijker liepen. Het klimaat is echter geschapen, en de volgende keer dat iemand voor de rechtbank komt in een konflikt met een neo-druï de of een odinist, zal het woord “sekte” gegarandeerd vallen. Op Kerstavond 1997 hoorde ik op Radio-1 een praatje over het Joelfeest, en de presentatrice zei meteen dat men die viering “in sektekringen” moet zoeken. Overigens is er wel reeds een Waalse druï dengroep, de Ordre Vert Druïdique, in de lijst opgenomen. Ook de vermelding van de Mellie Uildert-Stichting en van de Antroposofie, die allebei een heemkundige en natuurreligieuze dimensie hebben, mag als een schot voor de boeg van de inheemse nieuw-heidenen beschouwd worden.

4. Sekten en de Apokalyps

Nog een algemene opmerking over echt gevaarlijke sekten. Datgene wat hen gevaarlijk maakt, en wat aanleiding geeft tot de schandaalsfeer rond sekten en tot parlementaire onderzoekskommissies, komt bijna altijd voort uit een basistekst van het kristendom, nl. het Boek der Openbaring, of Apokalyps. De kollektieve zelfmoorden van de sekte rond Jim Jones, van de Zonnetempel en van de Hemelpoort (de Kalifornische sekte die via zelfmoord naar een ruimtestation op een voorbijsuizende komeet vertrok) kwamen voort uit een apokalyptische eindtijdverwachting. Ook het anti-sociale gedrag van de sekte in Waco, die tot een FBI-aanval op haar centrum leidde, waarbij brand uitbrak die de meeste sekteleden doodde (anders dan De Standaard blijft beweren, was dit géén geval van kollektieve zelfmoord), kwam voort uit een Bijbelse eindtijdverwachting. Heidense sekten als de Hare Krisjna’s kunnen veel op hun kerfstok hebben, maar niet dat soort gewelddadige godsdienstwaan.

Men zou hier meteen de Japanse Sekte van de Opperste Waarheid als tegenvoorbeeld kunnen noemen, en op de BBC hoorde ik haar inderdaad noemen als bewijs dat “zelfs het boeddhisme zijn fundamentalisten heeft”. Maar: er is in het boeddhisme absoluut geen notie van eindtijdverwachting, en nog minder een visioen van een gewelddadige eindtijd-katastrofe.

In de heidense, “universistische” visie is het universum eeuwig: hoewel zijn evolutie wel eens via schokken en omwentelingen verloopt, kent het eigenlijk geen begin en geen einde. Als sekteleider Shoko Asahara zich aan een eindtijd verwachtte, en zelf de bijbehorende verwoesting met wat sarin-gasbommen wilde bespoedigen, dan had hij zijn inspiratie duidelijk elders gehaald, nl. in de Apokalyps, een tekst die in Japan door de aldaar zeer aktieve Jehovah-getuigen gepropageerd wordt. Het is natuurlijk best mogelijk om onzin uit te kramen zonder de Bijbel te citeren; maar het is een historisch feit dat de Bijbel talloze labiele geesten tot tragische dwaasheden en zinloos geweld heeft geï nspireerd, en dat hij op zijn eentje voor het merendeel van de kwalijke sektentoestanden verantwoordelijk mag gesteld worden.

(zomer 1998)

*

Auteurs: Luc De Droogh en Richard Singelenberg
Bron: Skepter 10(2 en 3), juni en september 1997

*
 

Streng en Strafbaar
België buigt zich over haar sekten (1)

Luc De Droogh

Sekten zijn misschien vreemd maar daarmee niet gevaarlijker dan gewone kerkgenootschappen, ze zeggen velen. Een recent rapport van het Belgisch Parlement roept echter op waakzaam te zijn. Er bestaan wel degelijk gevaarlijke sekten.
In een aantal Europese landen, onder meer in Duitsland en Frankrijk, zijn sekten terug op de politieke agenda. Ook de Raad van Europa heeft het probleem op de agenda staan en zal de komende weken of maanden met een aantal aanbevelingen naar buiten komen. In België is er door de Kamer voor Volksvertegenwoordigers een parlementaire onderzoekscommissie rond de sekteproblematiek opgericht. Die commissie heeft een onderzoek gevoerd ‘met het oog op de beleidsvorming ter bestrijding van de onwettige praktijken van de sekten en van de gevaren ervan voor de samenleving en voor het individu, inzonderheid voor de minderjarigen’. Haar verslag, dat eind april verscheen, is onmiddellijk inzet geworden van politieke touwtrekkerij.
Het enige aspect dat in de politieke belangstelling staat is een tabel waarin ongeveer alle groepen en bewegingen die ter sprake zijn gekomen in de commissie, zijn opgenomen. Vele groepen – bijvoorbeeld de Steinerscholen (in Nederland Vrije Scholen geheten) – zijn woest omdat zij daarop voorkomen. Kardinaal Danneels nam het op voor een aantal binnenkerkelijke bewegingen die op de lijst prijken zoals het Opus Dei en de charismatici (maar eigenaardig genoeg niet voor een andere binnenkerkelijke beweging als Het Werk die ook vermeld wordt in het rapport). Uiteraard vindt geen enkele beweging zichzelf een sekte, dus eigenlijk wil niemand op de lijst staan.
De commissie gaat een uitdaging aan waar België bijna 20 jaar geleden ook al eens voor stond. Toen pleegden een kleine duizend volgelingen van de Amerikaanse sekteleider Jim Jones in Guyana zelfmoord. De kritische geluiden over sekten die toen in de media te horen vielen, werden al vlug overstemd door meer afstandelijke wetenschappelijke analyses die de thema’s van godsdienstvrijheid en de intolerantie van sektebestrijders naar voor schoven. De hersenspoelingstheorie – favoriet bij de antisektebeweging – bleek niet houdbaar. Een poging om sektevolgelingen vanuit de psychiatrie te benaderen was evenmin succesvol.
Dus was het woord aan de godsdienstsociologische benadering. Sekten waren ‘nieuwe religieuze bewegingen’ en het onderscheid met de kerken was zeer moeilijk te maken. Een kerk is een geslaagde sekte, stelde de een, terwijl een andere meende dat een sekte het geloof van de ander was. Het toenmalige Nederlandse rapport Overheid en nieuwe religieuze bewegingen (soms ook het rapport Witteveen genoemd, 1984) meende dan ook dat er zich geen specifieke beleidsmaatregelen opdrongen en legde de nadruk op de rechten van deze nieuwe religieuze bewegingen. De oorspronkelijke aanleiding voor de commissie – sensationele persberichten over sekten in het algemeen en de ramp in Guyana – waren al naar de achtergrond verdwenen. Wat Jim Jones en zijn volgelingen hadden gedaan, aldus de sociologen, was hier niet direct voorstelbaar, exotisch, dus onbelangrijk.
Zonnetempel
Een aantal incidenten de jongste jaren hebben de sekteproblematiek terug op de voorgrond gebracht. Sekten bleken betrokken bij allerlei financiële malversaties, bij drugs- en wapenhandel, bij moord en zelfmoord. Er was Waco, waar de Amerikaanse overheid en de sekteleden van de Branch Davidians een dagenlange veldslag uitvochten. Het meest tot de verbeelding spreekt ongetwijfeld de aanval met gifgas op de Japanse metro door de Aoum-sekte. In dat laatste geval bleek het geweld van de sekte zich niet langer naar binnen te richten maar ook naar buiten, op mensen die er niets mee te maken hadden.
Volgens nogal wat mensen maakt de ideologie en de organisatiestructuur van sekten dergelijke ontsporingen gemakkelijker mogelijk dan binnen andere organisatievormen. Vandaar ook de belangstelling van overheidswege voor het sekteverschijnsel – hoe moeilijk het ook precies te definiëren valt.
In België werd de politieke aandacht vooral gewekt door de affaire rond de Orde van de Zonnetempel, omdat de leiding ervan mede in handen was van de Belgische arts en homeopaat Luc Jouret. Eind september, begin oktober 1994 gingen 53 mensen tot moord en zelfmoord over. Vanuit het oogpunt van de sekte bewerkstelligden zij een overgang naar de planeet (sic) Sirius. Deze eerste (zelf)moordgolf werd gevolgd door een tweede eind december 1995, waarbij 16 personen het leven lieten. Terwijl de commissie langzamerhand aan haar conclusies toekwam, stierven opnieuw 5 mensen, in de nacht van 22 op 23 maart 1997. Bepaalde mensen die aan de derde (laatste?) overgangsactie hebben deelgenomen hadden in de pers verklaard hoegenaamd niets meer met de Orde van de Zonnetempel te maken te hebben, maar bleken zich dan toch maar naar een afgelegen plaatsje in Canada begeven te hebben om een einde te (laten) maken aan hun leven.
Het kan dus ook gebeuren bij ‘ons’, met mensen die een behoorlijke opleiding hebben gekregen, carrière hebben gemaakt. De sussende geluiden van godsdienstsociologen die blijven wijzen op het relatieve van het onderscheid tussen kerk en sekten, maken nog maar weinig indruk. Zij slagen er niet in om een afdoende verklaring te geven voor dit in de ogen van buitenstaanders bizarre verschijnsel.
Hun relativerende houding wordt uitdrukkelijk door het rapport afgewezen en heeft logischerwijs ook geen invloed uitgeoefend op de conclusies van de commissie. Zij besluit dat zij op grond van de getuigenissen en lectuur vanuit medische en psychologische invalshoek tot een aantal vaststellingen moet komen die haaks staan op de stellingen van de godsdienstsociologen.
Primitieve kerk
De commissie heeft essentieel voor een criminologische invalshoek gekozen. Welke strafbare feiten worden er in sekten gepleegd? Hoe kunnen we begrijpen dat deze feiten in sekten voorkomen? Hoe kunnen we het sektefenomeen begrijpen? Welke beleidsmaatregelen dringen zich op? In het rapport wordt nauwelijks ingegaan op (rechts)filosofische vragen omtrent (grenzen aan de) tolerantie of op grondwettelijke vragen over welke houding de overheid kan of moet aannemen tegenover niet- erkende religieuze organisaties. Deze kwesties zijn door de gekozen invalshoek naar de achtergrond verdwenen.
De criminologische invalshoek heeft echter haar voordelen. Ze schept een soort neutraliteit waarbij enkel gekeken wordt naar strafbare feiten die in organisaties die door diverse overheidsinstanties en door ‘experts’ regelmatig als sektarisch bestempeld worden. Het rapport bevat een indrukwekkende lijst van misdrijven die voorkomen in sekten en van veroordelingen die diverse sekten in verschillende landen hebben opgelopen. Daarnaast is er ook een – veel langere – opsomming van misdrijven waarvan door sommige getuigen wordt gesteld dat zij in sommige groepen worden begaan, zonder dat dit al tot processen heeft geleid.
Het rapport stelt een omschrijving van het sektefenomeen in drie stappen voor. Er is de sekte in de engere zin – een georganiseerde groep van personen die binnen een godsdienst dezelfde leer aanhangen. Dergelijke bewegingen zijn respectabel en moeten op de normale toepassing van de godsdienstvrijheid, de vrijheid van vereniging en andere grondrechten kunnen rekenen. Daarnaast zijn er schadelijke sekten: een groepering met een levensbeschouwelijk of godsdienstig doel die zich in haar organisatie of praktijken overgeeft aan schadelijke onwettige activiteiten, het individu of de samenleving schaadt of de menselijke waardigheid aantast. Het rapport geeft ook een aantal criteria aan waarmee een sektarische organisatie als schadelijk kan worden aangemerkt of die een verzwarende omstandigheid bij hun schadelijk gedrag kunnen zijn. De commissie gaat daarna – en dat is opmerkelijk, het is namelijk de eerste keer dat dit gebeurt in een overheidsrapport over sekten – nog een stap verder: sommige verenigingen van misdadigers gebruiken een godsdienstige façade voor het verbergen van misdadige praktijken. Het zijn als sekten vermomde misdaadorganisaties.
Het rapport bevat geen lijst van de organisaties die aan deze laatste twee voorwaarden voldoen (schadelijk sektarisch, of vermomde misdaadorganisatie). Maar er is wel een tabel van bijna alle organisaties die ter sprake zijn gekomen in de commissie. Die tabel is geen toepassing van de meest ruime definitie van sekte van de commissie, maar veroorzaakte wel de nodige commotie. Toegegeven moet worden dat de tabel ook storende fouten bevat. Bewegingen die als voorbeeld werden gegeven van organisaties die geen sekten zijn, werden toch opgenomen in de tabel. Daarbij was men dan nog eens selectief: de Ark (een therapeutische gemeenschap voor drugsgebruikers) werd wel opgenomen, de vrijmetselarij niet alhoewel ze op precies dezelfde plaats en om identieke redenen (wel gesloten, niet sektarisch) werden opgesomd.
De lijst kan ook zonder moeite worden uitgebreid. Zo ontbreekt een van de weinige groepen die ooit door een Belgische rechtbank zijn veroordeeld, en wel wegens onwettige uitoefening van de geneeskunde: de Primitieve Kerk van België o.l.v. Michel Galloo. De definitie van wat een schadelijke sekte is, is op zichzelf genomen ook circulair, maar met de criteria kan men vanuit een pragmatische invalshoek al een eind weg.
Psychologische dwang
Een lijst is niet noodzakelijk een uiting van heksenjacht, zoals nu al te gemakkelijk wordt gesteld. Een voorbeeld van een verdedigbare lijst zou een opsomming bevatten van die groepen waar sprake is van wetsovertredingen. Dat is echter noodzakelijkerwijs een geïndividualiseerde lijst: in die groep is sprake van (een vermoeden van) overtreding van dit of dat. Het zou een lijst zijn die enorme gelijkenissen vertoont met de aanwijzing van de concrete verantwoordelijken in het toch bejubelde verslag van de commissie Dutroux. Het zou bovendien een lijst zijn die zich niet stoort aan het oude of nieuwe karakter van die bewegingen. Dat is een groot voordeel van de criminologische invalshoek die ten grondslag ligt aan het rapport: ze stoort zich niet aan oud of nieuw, binnen- of buitenkerkelijk, criteria die voor kerkleiders of godsdienstwetenschappers wél van belang zijn.
De commissie heeft uiteraard ook een aantal conclusies getrokken en aanbevelingen gedaan. In tegenstelling tot het Nederlandse rapport besluit deze commissie dat er wél reden is om waakzaam te zijn. De staatsveiligheid moet de sekten blijven volgen, politiediensten moeten aandachtig zijn, er moet een observatorium worden opgericht, zowel met de bedoeling van meer kennis op te bouwen als om voorlichting aan het publiek te verzorgen. De bestaande administraties (financiële, fiscale, met betrekking tot de sociale wetgeving) en juridische instanties zijn vaak te terughoudend, mede omwille van het religieuze karakter van deze organisaties.
De commissie spoort aan nauwgezet op te treden en vraagt bijzondere aandacht voor de positie van kinderen in sekten. De Inspectie van Onderwijs zou moeten toezien op het onderricht dat door bepaalde sekten wordt verstrekt. In bepaalde gevallen wordt ook de gezondheid van de kinderen bedreigd en is er sprake van schending van de geestelijke, seksuele of lichamelijke integriteit van kinderen. Er is vooral meer behoefte aan voorlichting, vorming en begeleiding omtrent sekten – zowel op scholen als breder in de samenleving.
De commissie wil ook het bestaande wettenarsenaal aanpassen. Belangrijkste principiële voorstel is ongetwijfeld het voorstel om schendingen van de fundamentele rechten en vrijheden door geweld of psychologische dwang strafbaar te stellen.
Het principieel erkennen van het bestaan van psychologische dwang – naast fysieke – is allicht revolutionair. Concreet wil zij het misbruik maken van een toestand van zwakheid en het aanzetten tot zelfmoord strafbaar stellen en de wet op de jeugdbescherming aanpassen zodat sneller kan opgetreden worden als minderjarigen gevaar lopen. En de commissie wil de bestaande wetgeving op de verenigingen zonder winstoogmerk (vzw’s, waarvan er zo’n 50.000 bestaan en waarop nagenoeg geen controle bestaat) stringenter maken op boekhoudkundig vlak en nagaan of die vzw’s zich inderdaad houden aan hun vennootschapsdoel.
De belangrijkste verdienste van het rapport is de originele invalshoek. Welke daden worden in sekten gesteld die normaal gesproken strafbaar zijn? Blijkbaar heel wat, als we dit rapport mogen geloven. De kernproblematiek wordt echter op die manier tegelijk ook ontweken: mogen bepaalde organisaties van religieuze aard, omwille van hun eigen aard zich onttrekken aan bepaalde wetten? En aan welke dan wel? Eén voorbeeld: een volwassene mag een medische behandeling weigeren. Maar mag een Jehova’s Getuige ook de nodige medische zorg weigeren voor zijn minderjarig kind op grond van zijn of haar geloof? Het zijn vragen die uiteindelijk zullen moeten beantwoord worden.
Een grote verdienste van het rapport is de openbaarheid. De meeste mensen hebben in openbare zitting gesproken en in het rapport komt dus ook een veelheid van stemmen (godsdienstsociologen, kerkelijke deskundigen, psychiaters, ex-leden, mensen uit de antisektebeweging, vertegenwoordigers van diverse sekten) aan bod. Skeptici zullen waarschijnlijk vooral met aandacht (en instemming?) het veelvuldig aanklagen van oneigenlijke uitoefening van de geneeskunde lezen. Onder hen zou ook een interessante tweestrijd kunnen ontstaan over het invoeren van de notie ‘psychologische dwang’. Is dat een reëel fenomeen? Het lijkt mij dat daarbij in elk geval een onderscheid zou moeten gemaakt worden tussen het bestaan van het verschijnsel op zich en het bewijzen ervan in geval X of Y. De notie staat op gespannen voet met het normale juridische denken waarbij wordt voorondersteld dat individuen weten wat ze doen en dus ook verantwoordelijk kunnen gesteld worden voor hun daden. Iedere psycholoog weet dat dit in absolute zin een fictie is. Het is evenwel in ons rechtsbestel een bijzonder belangrijke juridische (en morele) fictie. Wanneer is de psychologische dwang een wetsovertreding? Kan men strafbaar gesteld worden voor daden verricht onder invloed van psychologische dwang?
Luc De Droogh is voormalig voorzitter van de Vereniging ter Verdediging van Persoon en Gezin (VVPG), een onafhankelijke organisatie die zich bezighoudt met informatie en hulpverlening over sekten.
 

Meneer pastoor moet uitkijken
België buigt zich over haar sekten (2)

Richard Singelenberg

Het rapport van de Belgische parlementaire commissie staat niet alleen bol van de loze verdachtmakingen, haar definitie van ‘schadelijke sekte’ is volstrekt onbruikbaar.
Eline E. is een normaal, intelligent meisje van 20 jaar. Ze woont bij haar ouders en leidt zo op het oog een gelukkig leven. Totdat ze op een dag gefascineerd raakt door een fanatieke religieuze groepering. Op een avond komt ze niet thuis. Haar ouders vinden een brief waarin ze meedeelt dat ze voortaan in de religieuze gemeenschap woont. Haar moeder gaat onmiddellijk poolshoogte nemen bij de beweging. Men vertelt haar dat dochterlief reeds vertrokken is en niet langer daar woont. In werkelijkheid verblijft het meisje in een afgelegen huis van de sekte, waar ze zich moet onderwerpen aan een fanatiek regime. Uiteindelijk verdwijnt Eline definitief en laat haar familie in wanhoop achter.
Dit verhaal zou niet hebben misstaan in het rapport van het Belgische parlementaire onderzoek naar de sekten in het land. En de groepering zou gegarandeerd in de appendix van het verslag worden opgenomen, met de opmerking dat we wellicht kunnen spreken van een gevaarlijke sekte die onschuldige meisjes ronselt. Noot:Leger des Heils Nederland ronselt voornamelijk jonge christelijke vrouwen voor het bemannen van de opvanginstellingen,zij zijn gemakkelijk te beinvloeden en te manipuleren,mede ingegeven door veranderde rolpatronen en emanicipatiedrift waardoor deze vrouwen de weg kwijt raken in de hectische macho-maatschappij waar zij opgevoed zijn als onderdanige broedkippen volgens Andre Rouvoets principes van een christelijke maakbare samenleving op fundamentalistische gronden oftewel dwingelandij,helaas wijst onderzoek uit dat orthodoxe geloven zoals Islam en Christendom aan wantrouwen lijden en een eigen verwrongen wereldbeeld en tunnelvisiedenken waardoor zij niet open staan voor de werkelijkheid.
Het bovenstaande fragment is echter ruim honderd jaar oud. De fanatieke religieuze groepering, waar Eline was ingetreden, was het Leger des Heils. Het verhaal is afkomstig uit het boek L’Evangéliste van de Franse schrijver Daudet, die zich grote zorgen maakte om de wervingskracht van deze onbekende evangelieverkondigers. Niet alleen in Frankrijk had men grote moeite met het Leger des Heils, alle grote kerken hadden kritiek op de innoverende aanpak van de straatpredikers.
Het Belgische overheidsrapport toont aan dat er een eeuw later niets is veranderd. Nieuwe, en dus afwijkende religies zijn nog steeds verdacht. Ook de beschuldigingen aan hun adres volgen al eeuwenlang hetzelfde stramien. Tevens wijst het voorbeeld op het moeizame karakter van de term sekte: de kans is groot dat de ooit zo verguisde ketters na een paar generaties als eerzame gelovigen te boek staan.
Allemaal leuk een aardig, zo zal de toeschouwer over dit soort historisch relativisme opmerken, maar de Belgen hebben toch voldoende aanleiding om zich te bekommeren om de religieuze periferie. Per slot van rekening was Luc Jouret, de leider van de door moord en zelfmoord geteisterde Orde van de Zonnetempel, een landgenoot. Ook zijn opvolger is een Belg en het rapport sluit niet uit dat de macabere gebeurtenissen zich zullen voortzetten, en wel in België. Eind maart nog zijn in Canada wederom vijf lijken van aanhangers gevonden. Waakzaamheid lijkt dus geboden.
Vandaar de aanbeveling van de rapporteurs dat het actief aanzetten tot zelfmoord strafbaar moet worden gesteld. Een nobel streven, maar waarschijnlijk tot mislukking gedoemd. Degenen die ervoor kiezen om zich op deze wijze te verzekeren van hun zielenheil, schreeuwen dat namelijk niet van de daken. Wie had er ooit gehoord van de Internet-sekte Heaven’s Gate, die zich in de paasweek van 1997 verloste uit haar ‘stoffelijke omhulsels’ teneinde zich te vergewissen van een veilige plaats in een galactisch paradijs? (zie elders in deze Skepter.)
‘Grondige hersenspoeling’
Maar hoe komen mensen zo ver dat ze voor deze radicale oplossing kiezen? Volgens de commissie markeert het antwoord op deze vraag de scheidslijn tussen ‘sekten’ en ‘schadelijke sektarische organisatie’. Sekten, door de rapporteurs gedefinieerd als ‘georganiseerde groepen van personen die binnen een godsdienst dezelfde leer aanhangen’ vormen geen gevaar op zich. Het begrip wordt op deze wijze ontdaan van de hardnekkige negatieve bijbetekenis. Dit is een van de weinige hoopgevende ideeën uit het verslag, evenals de suggestie om een instelling te creëren waar men objectieve informatie over sekten kan vinden. Of alle georganiseerde godsdiensten in België blij zijn met de definitie, is een ander verhaal, want strikt genomen is hij ook van toepassing op de eerste de beste rooms-katholieke parochie.
Maar wat is een ‘schadelijk sekte’? Welnu, die moeten volgens het rapport voldoen aan ‘criteria van gevaarlijkheid’: bedrieglijke of misleidende wervingsmethoden, mentale manipulatie, slechte fysieke of geestelijke behandeling van de volgelingen, enzovoorts. Vandaar twee aanbevelingen: het strafbaar stellen van psychologische dwang als inbreuk op de rechten van de mens en het misbruik maken van een toestand van zwakheid. De commissie geeft een voorbeeld van een wetsvoorstel, waarin degene die angst inboezemt door het uitbuiten van goedgelovigheid om iemand te overtuigen van het bestaan van een denkbeeldige macht, veroordeeld kan worden tot een gevangenisstraf van twee tot vijf jaar.
Nog los van de sombere vooruitzichten van deze aanbeveling voor menig orthodoxe dorpspastoor die zijn kudde regelmatig waarschuwt voor het vagevuur, impliceert dit voorstel grote juridische problemen. Het is niet alleen dat er nauwelijks objectieve maatstaven zijn aan te leggen voor subjectieve ervaringen als geestelijke dwang en manipulatie. Beide verschijnselen zijn inherent aan ieder hecht sociaal netwerk. Ze doen denken aan de uitspraak van de schrijfster Andreas Burnier in een recente uitzending van het tv-programma Buitenhof , waarin ze de paradox van het gezin aanstipt: de veiligste maar ook de gevaarlijkste plek waar je je als opgroeiend kind kunt bevinden. Een tweede probleem is de betrouwbaarheid van deze beschuldigingen door ex-leden. Conform de resultaten van wetenschappelijk onderzoek concludeert de commissie weliswaar dat de klachten van voormalige volgelingen niet altijd objectief zijn en vaak moeilijk te controleren, toch heeft men op grond van deze getuigenverklaringen kunnen vaststellen dat de praktijken van bepaalde sektarische organisaties het individu, het gezin en de samenleving ernstig in gevaar kunnen brengen. Ze voelt zich hierin gesteund door wetenschappelijke bronnen (Dat de academische wereld de vloer heeft aangeveegd met deze dubieuze ‘studies’, daarover zwijgt het rapport).
Over concrete aanwijzingen beschikt de commissie echter niet. Er zijn geen klinische studies waaruit blijkt dat (ex)-sekteleden er mentaal slechter aan toe zijn dan anderen, verklaringen van hoge politiefunctionarissen geven aan dat uit niets blijkt dat de veiligheid van de staat in het geding is en juridische instanties beschikken over vrijwel geen dossiers waaruit de sektarische bedreiging naar voren komt. Maar juist het ontbreken van deze feiten staat borg voor het geslepen karakter van sommige sekten; volgens een getuige kan dat worden toegeschreven aan de ‘grondig doorgevoerde hersenspoelingen waarvan het effect 10 à 20 jaar kan duren’. Dat de autoriteiten niet kunnen aantonen dat de gevaarlijke bewegingen zich schuldig maken aan grootscheepse fraude op financieel gebied, ook dat kan worden verklaard uit de geslepenheid van hun werkwijze. Deze immuniseringsstrategie roept herinneringen op aan een paar jaar geleden, de hausse van het satanisch ritueel misbruik: dat we niets kunnen bewijzen, bewijst hoe slim en achterbaks ze zijn.
Verdachtmakingen
Om een idee te geven van de verklaringen van de getuigen, enkele citaten uit het rapport. In de Pinkstergemeenten – nummer 180 op de sektelijst – ‘zijn voorhuwelijkse betrekkingen en homoseksualiteit absoluut verboden. Dat kan voor gevolg hebben dat bepaalde volgelingen problemen krijgen zoals anorexia of boulimie, dan wel psychiatrische behandelingen dienen te ondergaan. Er wordt ook gewag gemaakt van gevallen van zelfmoord’. Wellicht ten overvloede: een dergelijke relatie is nooit aangetoond.
Als variant op het thema ‘vegetariërs deugen niet, want Hitler at ook geen vlees’ geeft de Luxemburgse voorzitter van een antisektebeweging zijn visie op het verband tussen nazi-theorieën en het sektevraagstuk. Uit het feit dat Hitler kennelijk gecharmeerd was van de ideeën van Helena Blavatsky, de grondlegster van de moderne theosofie, blijkt dat ‘het niet ongewoon is dat sektarische bewegingen de neonazistische theorieën voorstaan.’ Tevens wijst hij erop dat een voormalig politicus annex lid van een omstreden religieuze groepering met behulp van het hoofd van de Luxemburgse politie hem heeft geprobeerd te vermoorden omdat hij ‘teveel wist’.
Verder zouden kinderen van Jehova’s Getuigen kampen met ‘aanzienlijke slaapstoornissen’, terwijl de ‘kleine meisjes’ onder hen voortdurend ‘fysieke geweldpleging ondergaan’. Jonge kinderen van een extreme tak van chassidische joden zouden regelmatig ontvoerd worden en ‘verborgen worden gehouden in de internationale vertakkingen van deze beweging’.
Afgezien van deze bizarre uitlatingen staat het rapport bol van suggestieve uitspraken als ‘er zouden doden gevallen zijn, er zouden zich seksschandalen hebben voorgedaan, leiders zouden betrokken zijn bij wapenhandel’, enzovoorts. In hoeverre de rapporteurs zich door deze verdachtmakingen hebben laten leiden, is niet duidelijk. Twee decennia godsdienstsociologisch onderzoek, dat voor een belangrijk deel de vermeende sektarische gruwelijkheden ontmythologiseert, heeft de commissie in een halve bladzijde naast zich neergelegd. Deze discipline zou zich immers concentreren op de ‘doctrines’ van de bewegingen en de excessen uit de weg gaan. Deze belachelijke schets roept de vraag op of de leden van de commissie zich zelfs maar oppervlakkig in dit vakgebied hebben verdiept. Dan waren ze wellicht geattendeerd op bevindingen, die bijvoorbeeld uitwijzen dat toetreding tot een religieuze groepering minder het gevolg is van manipulatietechnieken van sinistere goeroes, maar veeleer een belangrijke indicator zijn van gezins- of huwelijksproblemen. Of dat de bestaande godsdiensten door talrijke jongeren worden gezien als versteende en arrogante bolwerken die niet in staat zijn adequate antwoorden te geven op prangende levensvragen. Zo’n oninspirerende religie heeft in de ogen van menigeen afgedaan. In die zin vormen nieuwe religies meer een uitdaging dan een bedreiging.
Het rapport verwijst trouwens ook naar Nederland. Zo wordt gememoreerd dat de antroposofen in België weliswaar geen formele band hebben met politieke groeperingen, hetgeen niet betekent ‘dat bepaalde politici zich niet op de ideeën van Steiner zouden beroepen; dat is bijvoorbeeld het geval met het Nederlandse parlementslid Jan Terlouw (D66)’ (1). Of de landsbelangen hierdoor eventueel geschaad worden, daarover spreekt het verslag zich niet uit. In het hoofdstuk ‘Activiteiten van de verenigingen die op nationaal en internationaal niveau de verdediging van slachtoffers (van sekten) opnemen’ wordt verwezen naar de in Haarlem gevestigde stichting Sirenen. Recentelijk kwam deze organisatie in het nieuws vanwege de betrokkenheid bij de ontvoering en mislukte ‘deprogrammering’ van Esther Veldhoen, een 28-jarige aanhangster van een onschuldige Afrikaanse religieuze beweging. Eind maart kregen twee hulpverleners van Sirenen daarvoor een voorwaardelijke straf opgelegd.
Als het aan de parlementaire onderzoekscommissie ligt, dienen hulpverleningsorganisaties als Sirenen financieel ondersteund te worden. Conform de tijdgeest dient de monetaire aanpak van het sekteprobleem op Europees niveau plaats te vinden: ‘De commissie verzoekt de regering dan ook het vraagstuk van de subsidiëring (van deze organisaties) op de agenda van de Raad van ministers van Justitie van de Europese Unie te laten plaatsen’.
Noot
1. Noot van de redactie: kernfysicus, kinderboekenauteur en voormalig Commissaris der Koningin in Gelderland Jan Terlouw is al geruime tijd geen parlementslid meer en zijn sympathie voor Steiner heeft hij blijkbaar zo goed verborgen weten te houden dat daar in Nederland niets van bekend is. Terug
Richard Singelenberg is cultureel antropoloog. Een iets bekorte versie van dit artikel verscheen in Trouw op 7 mei 1997.
 
Skepter 10(3), september 1997
De Droogh reageert op Singelenberg
Singelenberg leest in het Belgische rapport hoofdzakelijk wat hem stoort en bakt daar zelf een aantal conclusies van die hoegenaamd niet in het rapport staan. Hij stelt dat de godsdienstsociologische bijdrage aan het debat op een halve bladzijde wordt afgedaan. Een behoorlijk aantal godsdienstsociologen (Karel Dobbelaere, Anne Morelli en anderen) is echter door de commissie gehoord en een samenvatting van hun tussenkomst staat ook in het verslag, alleen heeft hun argumentatie weinig indruk gemaakt. Singelenberg merkt ook niet op dat diverse vertegenwoordigers van sekten zelf aan het woord zijn gelaten. Een aantal anderen wenste zich niet voor de commissie te komen verdedigen, maar alle bewegingen die door getuigen met name werden genoemd werden wél uitgenodigd en hebben dus de kans gekregen om zich te verdedigen.
Alle ‘zoudens’ waarvan Singelenberg gewag maakt zijn hard te maken zijn aan de hand van concrete gerechtsdossiers. In een Krishnatempel zijn illegale wapens gevonden en daarvoor zijn een aantal Krishnavolgelingen ook veroordeeld. In de Orde van de Zonnetempel is er sprake van moord en er zijn wapens gevonden, net zoals bij de Branch Davidians en bij de Aoum in Japan. De Children of God ontkennen zelf niet dat zij zich tot midden van de jaren ’80 bezighielden met ‘flirty fishing’ (prostitutie van minderjarigen om fondsen of leden of beide te verwerven). De ontvoering van een aantal kinderen door een Chassidimvader die zijn kinderen vervolgens onderbracht bij andere leden van de sekte heeft zowel in België als in de VS tot gerechtelijke uitspraken geleid en tot optreden van de justitie.
Zijn bovenstaande voorbeelden dé realiteit over sekten? Uiteraard niet, gelukkig maar. Meestal is er veel minder aan de hand. De volgelingen menen het ware geluk gevonden te hebben. De omgeving heeft daar vaak haar twijfels over. In dat spanningsveld bevindt zich het sektevraagstuk. Nuanceringen zijn zeker gepast en daarin heeft de godsdienstsociologie een rol gespeeld. Maar godsdienstsociologen leggen hun oor vaak enkel te luisteren bij de leden zelf. Hun kritische distantie ten opzichte van de sekte is vaak erg klein. Zij weigeren vanuit een onaantastbare, want enig juiste, wetenschappelijke positie een zinnige discussie aan te gaan, en oordelen: ‘dit is wel een consistente manier om de wereld te bekijken – moet kunnen’. Hoe verklaar je de (gelukkig zeldzame) moord- en zelfmoordacties die gemotiveerd worden door het geloof? Hoe verklaar je relatiebreuken, het opgeven van werk of studies, twijfelachtige financiële transacties et cetera, zaken die vrij frequent gebeuren naar aanleiding van het lidmaatschap van een sekte? Singelenberg reikt dé oplossing aan: er zouden gezins- en huwelijksproblemen zijn in die gezinnen waarvan iemand lid wordt van een sekte. Hopelijk zijn dit harde feiten, maar Singelenberg onderbouwt ze niet. Vervolgens mag een sekte uiteraard doen wat ze wil en ook verlangen van haar volgelingen wat ze wil. Wie er anders over denkt wordt beleefd belachelijk gemaakt.
Op het Belgische rapport is uiteraard kritiek mogelijk, maar het heeft ook een aantal verdiensten. Het rapport vindt bijvoorbeeld dat bepaalde overredingspraktijken niet kunnen en staat ook kritisch ten aanzien van het gebruik ervan door bepaalde groeperingen binnen de grote kerken (Het Werk, Opus Dei binnen de rooms-katholieke kerk).
Men kan natuurlijk van oordeel zijn dat de godsdienstvrijheid een onaantastbaar beginsel is en menen dat in de naam daarvan een heleboel stuitende en illegale praktijken toegelaten zijn. Veel sekten zijn die mening impliciet of expliciet toegedaan. Ik begrijp perfect waarom ze zo denken, maar daarom moet ik er nog niet mee eens zijn.

Singelenberg antwoordt
Nee, ik ga niet op de punten in die Luc De Droogh aanvoert. Een aantal is vrij gemakkelijk te weerleggen, andere vereisen een diepgaande uiteenzetting. Het eerste is saai (‘het gaat over België, dus kom niet met Waco aanzetten’) en leidt onherroepelijk tot gekissebis op een ‘welles-nietes’ niveau en verwijzingen in de trant van ‘kijk maar hoe het op pagina 231, 3e alinea staat’. Niets is zo ondermijnend voor het leesplezier als een esoterische discussie tussen twee ingewijden die beiden van mening zijn dat ze gelijk hebben, dus als De Droogh daar prijs op stelt wil ik hem deze zaken nog wel eens persoonlijk meedelen. Het tweede vereist veel ruimte en daar is een rubriek ‘ingezonden’ niet de meest geschikte plaats voor. Toch kies ik voor een aanzet tot dat laatste.
Vooraf even dit: ‘de’ godsdienstsocioloog bestaat niet. Slechts een minderheid van de beoefenaren van dit vak houdt zich bezig met religieuze sekten. En daaronder vinden we een brede categorie, uiteenlopend van onderzoekers die ook nog aanhanger zijn van een beweging, tot felle critici. Dus wie mocht denken dat dit gezelschap wordt gekenmerkt door pastorale harmonie, moet maar eens een van de jaarlijkse congressen in de VS bezoeken. Maar het merendeel probeert zich ergens in het midden staande te houden en te laveren in de slangenkuil van aanhangers, ex-leden, belangengroeperingen, hulpverleners, en wie er zich al niet meer op dit omstreden terrein hebben gestort. Ik beperk me tot deze mensensoort.
Godsdienstsocioloog Roy Wallis heeft zijn vakgebied ooit als subversief omschreven. Hij deed dat naar aanleiding van de reacties op zijn studie over scientology, in het begin van de jaren ’70. Dat onderzoek is hem door de scientologen niet in dank afgenomen – ik druk me nu zachtjes uit – want in hetgeen hij had opgeschreven herkenden de Hubbard-adepten zich voor geen meter.
Toen ik een keer voor de radio zei dat voor menig Jehova’s Getuige de sociale relaties met medegelovigen belangrijker zijn dan het geloofssysteem, viel de hele congregatie waar ik mijn onderzoek verrichtte over me heen. Hoe haalde ik het in mijn hoofd om de fundamenten van hun existentie in twijfel te trekken! Dat bedoelde Wallis nou met subversief: het beeld dat sociologen en antropologen van wat voor (sub)cultuur dan ook schetsen, wil nog wel eens botsen met het beeld dat de mensen uit die omgeving van zichzelf hebben. En dat geldt nog in versterkte mate voor groeperingen, die bestaan uit mensen die er heilig van overtuigd zijn dat alleen zij de Waarheid (het Pad, de Weg, enfin, vul maar in …) in pacht hebben: die hebben al helemaal geen boodschap aan zo’n arrogante vlerk die hen wel eens even komt vertellen hoe de boel in elkaar zit.
Opmerkelijk is dat dit subversieve element nu ook onder de zogenaamde ‘cult-watchers’ gestalte heeft gekregen. Wat ondermijnt is dat godsdienstsocio-(antropo)-logen regelmatig lijnrecht ingaan tegen de communis opinio. Dat ze kritische kanttekeningen plaatsen bij sensatieverhalen; dat ze de mythes die zowel menig lid als ex-lid naar voren brengt, met grote korrels zout nemen; dat ze persoonlijk leed reduceren tot een kil schema van sociale processen; dat ze relativeren door diezelfde processen te vergelijken met alledaagse interacties tussen mensen in collectieven, enzovoorts. Kortom, ze zetten vraagtekens bij datgene dat velen voor zoete koek aannemen en schoppen een paar heilige huisjes van de sociale consensus omver. Want iedereen weet toch dat die sektes niet pluis zijn? Dergelijk rebels gedrag wordt ze niet in dank afgenomen, want het knagen aan zoiets als maatschappelijke zekerheden is uitermate irritant. Daar kunnen met name de Duitse collega’s, die enige nuances trachten te plaatsen bij de heersende scientologyhysterie, over meepraten. Verguizing valt hen ten deel.
Het zij zo. Maar als ze daarmee een fractie van onwetendheid, vooroordeel en desinformatie kunnen bestrijden, zijn ze voor een gedeelte in hun doel geslaagd. Want wetenschap die zich louter koestert in de veilige beschutting van de ivoren toren hebben we al genoeg.

HOMEPAGE SKEPSIS

 

Leerstellingen De geloofsbelijdenis van het Leger des Heils is vastgelegd in elf leerstellingen. Deze worden in Nederland vanaf 1887 naast de krijgsartikelen ondertekend door mensen die heilssoldaat van het Leger des Heils wensen te worden. De elf leerstellingen zijn letterlijk als volgt gedefinieerd:

  1. Wij geloven, dat de Heilige Schrift, de boeken van het Oude en het Nieuwe Testament, door goddelijke ingeving geschreven is en dat alleen hierin de goddelijke richtlijnen voor het christelijk geloof en leven te vinden zijn.
  2. Wij geloven, dat er slechts één God is, geheel volmaakt, de Schepper, Onderhouder en Bestuurder van alle dingen en dat uitsluitend aan Hem goddelijke verering toekomt.
  3. Wij geloven, dat er drie Personen in de Godheid zijn, de Vader, de Zoon en de Heilige Geest, ongedeeld in wezen en gelijk in macht en heerlijkheid.
  4. Wij geloven, dat in de Persoon van Jezus Christus, de goddelijke en menselijke naturen verenigd zijn, zodat Hij waarachtig God en waarachtig mens is.
  5. Wij geloven, dat eerste ouders geschapen zijn in een staat van onschuld, maar dat zij door hun ongehoorzaamheid hun reinheid en geluk verloren hebben en dat door hun val alle mensen zondaars geworden zijn, geheel en al verdorven en als zodanig rechtmatig aan Gods toorn blootgesteld.
  6. Wij geloven, dat de Heer Jezus Christus door zijn lijden en dood verzoening bewerkt heeft voor de gehele wereld, zodat elk die wil, gered kan worden.
  7. Wij geloven, dat bekering tot God, geloof in de Heer Jezus Christus en wedergeboorte door de heilige Geest, noodzakelijk zijn tot ons behoud.
  8. Wij geloven, dat wij uit genade gerechtvaardigd worden door het geloof in onze Heer Jezus Christus, en dat hij die gelooft, daarvan het getuigenis in zich draagt.
  9. Wij geloven dat voortdurend gehoorzaam geloof in Christus nodig is om gered te blijven.
  10. Wij geloven dat alle gelovigen het voorrecht hebben geheel en al geheiligd te kunnen worden en dat geheel hun geest, ziel en lichaam onberispelijk bewaard kunnen worden tot de komst van onze Heer Jezus Christus (1 Tessalonicenzen 5:23)
  11. Wij geloven in de onsterfelijkheid van de ziel, in de wederopstanding van het lichaam, in het algemeen oordeel aan het einde van de wereld, de eeuwige gelukzaligheid van de rechtvaardigen en de eindeloze straf van de goddelozen.

[bewerken] Discriminatie

Onderscheid op basis van seksuele geaardheid en levensovertuiging heeft tot gevolg gehad dat het Leger des Heils in verschillende landen onder vuur is komen te liggen van actiegroepen en mensenrechtenorganisaties.[13][14][15] In Nederland is dit onderscheid op levensovertuiging door sollicitanten tweemaal voor de Commissie gelijke behandeling gebracht. Deze oordeelde in beide gevallen dat het Leger des Heils wel onderscheid maakte, maar geen bij Nederlandse wet verboden onderscheid.[16][17] In zowel de Verenigde Staten als Noorwegen heeft de behandeling van mensen met een homoseksuele geaardheid tot gevolg gehad dat sympathisanten en donateurs hun steun introkken.[14][15] In 1989 werd het Amerikaanse Leger des Heils in de zaak Jamie Dodge veroordeeld wegens illegale en ongrondwettelijke discriminatie.[18]

[bewerken] Commissie Gelijke Behandeling

De twee zaken voor de Commissie Gelijke Behandeling speelden in 1996 en 1997. In het eerste geval betrof het een sollicitant op de functie medewerker keuken. Waarbij als standpunt werd ingenomen dat een christelijke levensovertuiging niet relevant zou zijn. In de tweede zaak ging het om een sollicitant op de functie invalkracht Sociaal Pedagogisch Werker. Deze stelde geen belijdend christen te zijn, maar geen enkele belemmering te zien om binnen het Leger des Heils te kunnen functioneren. Het Leger des Heils, die van medewerkers een christelijke levensovertuiging eist, verweerde zich in beide gevallen aan de hand van voorbeelden waarbij dit wel noodzakelijk zou zijn. Zoals het voorlezen uit de bijbel, en hardop bidden. Daarbij verwees het Leger des Heils naar artikel 5 van de Algemene Wet Gelijke Behandeling die een uitzondering maakt voor instellingen op godsdienstige of levensbeschouwelijke grondslag. De commissie oordeelde in beide gevallen dat het Leger des Heils weliswaar onderscheid heeft gemaakt op grond van godsdienst, maar dat dit bij wet is toegelaten.[16][17][19]

[bewerken] Integratieproject

In 2005 weigerde het Leger des Heils twee moslima’s in dienst te nemen. De vrouwen wilden deelnemen aan een integratieproject, en waren al als vrijwilliger bij de organisatie betrokken. Toenmalig Minister de Geus van Sociale Zaken en Werkgelegenheid was het niet eens met dit aanstellingsbeleid, en dreigde twee ton subsidie in te trekken. Het woord geloofsdiscriminatie stelde hij niet in de mond te willen nemen. I. Voorham van het Leger des Heils verweet minister de Geus ervan het Leger des Heils te discrimineren, door te eisen dat de organisatie twee moslima’s in dienst neemt. Het conflict werd beslecht door een regeling waarbij de moslima’s toch bij het Leger des Heils aan de slag gingen, maar op de loonlijst van de Welzijnsstichting van de gemeente Schouwen-Duiveland werden geplaatst.[20][21][22]

Over anaconda15

1.80 meter lang blauwe ogen Nederlands Techneut en gek op wetenschap Erg handig en visionair
Dit bericht werd geplaatst in Uncategorized en getagged met . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s