Interview Boele Staal: ‘Eindverantwoordelijkheid bij de overheid is zoek’ maar dat straalt af naar de reguliere samenleving,slecht voorbeeld doet volgen tot Nederland en je leefgebied totaal kapot is.

 

Click here to find out more! 
Interview Boele Staal: ‘Eindverantwoordelijkheid bij de overheid is zoek’.
Door M. Rozenboom en drs. P. Holla, 17 maart 2011 08:17 uur0Waardering:

Interview Boele Staal: 'Eindverantwoordelijkheid bij de overheid is zoek'. Politiechef, directeur van een groot particulier beveiligingsbedrijf, partner van een adviesbureau, Commissaris van de Koningin en lid van de Eerste Kamer. Het is maar een greep uit de omvangrijke loopbaan van mr. B. Staal (63). We spreken hem in het kader van zijn huidige functie; voorzitter bestuur,Nederlandse Vereniging van Banken. Maar uiteraard komt ook zijn politieachtergrond en zijn rol als bestuurder ter sprake als we spreken over veiligheid in het algemeen en veiligheid specifiek met betrekking tot banken.

Het is een feestelijk moment voor de Nederlandse Vereniging voor Banken als we Boele Staal spreken. Onlangs verhuisde de Vereniging naar een nieuw onderkomen aan de Zuidas en dat wordt vandaag officieel geopend. Ondanks de hectiek om ons heen zit Staal onverstoorbaar achter een keurige tafel.
 

Welke voordelen hebben de banken bij een nationale politie?

Het maken van afspraken wordt veel gemakkelijker, veel efficiënter. Afspraken op het gebied van veiligheid moet je op één niveau bespreken. Neem bijvoorbeeld iets als cybercrime. Met het KLPD praten we over samenwerking bij de bestrijding hiervan. Dat kun je niet met 26 korpsen aanpakken. Als dat prioriteit heeft bij de politie dan moet je dat op nationaal niveau aanpakken. Wij juichen de ontwikkelingen richting een nationale politie dan ook toe.
 

Wat zijn met name onderwerpen die banken en politie raken?

In het verleden hebben we veel aandacht gehad voor bankovervallen. Dankzij allerlei technische ontwikkelingen, en het feit dat er in banken nauwelijks meer cash aanwezig is, hebben we daar goed op gescoord. Op dit moment is cybercrime een topic. Concreet gaat het over twee vormen van fraude: ‘skimmen’ ofwel fraude met betaalautomaten en fraude bij het internetbankieren. Voor de bestrijding van deze vormen van cybercrime werken we samen met de KLPD. De banken doen de advertising, de voorlichting, de reclamecampagnes, zoals bijvoorbeeld in het verleden de actie ‘Drie keer kloppen’. Het zou mooi zijn als we verder met de politie afspraken zouden kunnen maken over repressie. Als je als potentiële dader weet dat de politie veel aandacht heeft voor het soort misdaad denk je er misschien nog eens over na.
 

Aan wat voor soort afspraken is er behoefte?

Voor bestrijding van internetfraude zou moeten worden afgesproken om energie – dus mankracht – van beide kanten in één team te stoppen. Voordeel is dat de politie dan extra capaciteit krijgt – ook op it-gebied – vanuit de banken zelf. Er zijn dan heel korte lijnen met de banken zodat er snel kan worden ingegrepen als geconstateerd wordt dat het fout gaat.
Ook bij de aanpak van skimming is naast de technische preventie, waaronder passen met een chip, een gecoördineerde aanpak vanuit politie en het OM noodzakelijk.

Wat is de kritiek op de samenwerking met de politie?

Op zich is de samenwerking goed, ontevredenheid is er soms bij banken over de prioriteit die een zaak krijgt. Als je bij voorbeeld kant-en-klare fraudezaken bij de politie aanlevert en er wordt geen opsporingscapaciteit op gezet; daar zijn banken niet blij mee. Dat gaat dan dus om capaciteit. Ik zeg niet dat het niet te begrijpen is, en de politie staat hierin niet op zichzelf; het duurt ook steeds langer voordat zo’n fraudeur voor de rechter staat. Maar naar de samenleving geeft dat een slecht signaal. Het werkt corruptie in de hand, want “het duurt toch een hele tijd voordat je voor de rechter komt”.
 

En als je dan hoort dat er 500 mensen worden aangesteld als animal cop?

Tja, dat is natuurlijk een politieke keuze. Maar ik vind het niet handig om voor de bestrijding van dierenmishandeling afzonderlijke mensen te benoemen. Dat moet, indien gewenst, een prioriteit zijn bij de reguliere politie. Als je ze apart gaat instellen werk je tunnelvisie en bureaucratie in de hand, straks zitten er van de 500 animal cops 300 achter het bureau en lopen er 200 op straat.
 

U zegt, op het gebied van overvallen hebben we goed gescoord, daar hebben we technisch gezien goede oplossingen voor getroffen, daar hoeft de aandacht niet meer zo naar uit te gaan. Wellicht kun je zo, via technische oplossingen ook een deel van het capaciteitsprobleem oplossen. Maar overvallen is wel waar momenteel landelijk een prioriteit ligt.

In dat geval gaat het niet over bankovervallen, maar over overvallen bij winkeliers. Uiteraard begrijp ik dat daar een prioriteit ligt, dat zijn kwalijke zaken met veelal persoonlijke gevolgen. Ik stel alleen dat banken op dit moment niet zoveel te maken hebben met overvallen.
 

Ik ben benieuwd hoe de samenwerking is op een ander prioriteitsgebied van de politie; Finec, dat gericht is op het ‘plukken’ van criminelen.

Die samenwerking is goed. Als politie gegevens nodig heeft op het gebied van opsporing – en daar komt het vaak op neer – dan wordt er goed samengewerkt. Banken hebben geen enkele reden om op dat punt niet samen te werken.
 

Mot-meldingen werken ook goed?

Ja. Daar gaat een grote preventieve werking vanuit. Je kunt nooit alleen maar het succes van die meldingen aflezen aan de hoeveelheid meldingen die over iets concreets gaan en waarmee je iets opspoort. Die preventieve werking, daar zijn die meldingen ook voor bedoeld.
 

Hoewel de samenwerking met de politie goed is hangt er bij de banken vaak een prijskaartje aan als het gaat om verstrekking van gegevens, waarom is dat?

Dat heeft te maken met de kostenfactor; wij zijn een private onderneming. Als wij activiteiten ondernemen die niet tot onze taak behoren en die geld kosten, betalen onze klanten dat aan de achterkant; dat is niet de bedoeling. Maar er is geen bezwaar om bij een samenwerkingsprotocol met de politie eens naar het totale kostenplaatje te kijken. Wat niet betekent dat de banken vanwege bezuinigingen bij de politie geen kosten meer in rekening zullen brengen, dat zou raar zijn.
 

U werkt momenteel bij een commerciële instelling, maar u bent zeker ook bekend met het werken bij de overheid. Wat is het grootste verschil?

Het grootste verschil is in ieder geval niet: de een moet winst maken en de ander niet.
Het verschil zit eerder in het bedrijfsproces. Bij de overheid wordt dit gekenmerkt door belangenafweging, terwijl het in het bedrijfsleven meer draait om het bestaansrecht en de werkgelegenheid (doe je het niet goed, ga je failliet en besta je niet meer). Bij het bedrijfsleven ligt de focus intern, bij de overheid extern. Bij overheid gaat er veel energie zitten in het proces. Daardoor is de organisatie niet slagvaardig. De bestuurlijke hierarchie is slecht georganiseerd. Daar zou de overheid best aan mogen werken. Kijk, iedere organisatie kent meerdere beslislagen. Maar bij de overheid zijn die lagen doordrenkt met autonomie. Iedereen wil bepalen wat er op zijn eigen laag gebeurt. Dat heeft ertoe geleid dat niemand meer verantwoordelijk is voor het geheel; eindverantwoordelijkheid is zoek. En het enige wat daartegen helpt is sanering van structuren en verdeling van verantwoordelijkheden en functies.
 

In het voorontwerp van de nieuwe politiewet staat ook geen rol voor de Commissaris van de Koningin. Daar kunt u zich in vinden?

Die rol is er in de loop der jaren uitgemanoeuvreerd als gevolg van kinnesinne tussen bestuurslagen. In de rampenwetgeving was er een heel simpele voorziening getroffen dat bij bovenlokale problemen de Commissaris van de Koningin als rijksorgaan in charge was. Die functie is verdwenen onder druk van burgemeesters van grote gemeenten, die vonden dat ze het zelf wel konden. Daarmee is het kind met het badwater weggegooid. In elke situatie die boven de gemeenten uitstijgt, heb je een aparte bestuurslaag nodig die bovengemeentelijk beslissingen neemt. Dat hoeft niet per se de CdK zijn, maar dan moet de minister nadrukkelijk in beeld komen. Het idee van de coördinerend burgemeester werkt niet. Datzelfde geldt voor de regioburgemeester in de nieuwe politiewet. Het is een zwak punt in het concept van de nationale politie. Dat heeft te maken met gevoeligheid. We durven in dit land niet te zeggen: “we hebben er lang genoeg over gesproken: hij is de baas!” Terwijl ons land klein genoeg is voor één politiebaas. En het is ook klein genoeg om te stellen: de gemeenten houden hun eigen verantwoordelijkheid – gezag – en zodra er bovenlokale zaken spelen, is de minister verantwoordelijk of namens de minister de commissaris als rijksorgaan.

Na de recente crisis zitten de banken met een imagoprobleem. De politie kampt al langer met dat probleem. Wat doen de banken om het imago op te poetsen?

Een imagoprobleem is lastig, want elke nuance gaat verloren. Natuurlijk hebben banken een rol gespeeld bij de crisis, maar om te zeggen dat banken het hebben veroorzaakt; dat is echt vijf bruggen te ver. Inmiddels is wel duidelijk dat het allemaal wat ingewikkelder ligt. Maar je merkt altijd wel dat hoe groter de crisis is, hoe meer de behoefte bestaat om één schuldige aan te wijzen. Om dat gevoel te keren hebben we allereerst een commissie ingesteld – de commissie-Maas – die heeft gezocht naar oorzaken. Die commissie is gekomen met een aantal aanbevelingen die zijn vastgelegd in een code en die code moet ervoor zorgen dat we een aantal zaken anders gaan doen. Zo gaan we bij voorbeeld het klantbelang centraal stellen. De afgelopen jaren was het aandeelhoudersbelang centraal gesteld. Risicobeheer moet doorzichtiger en verantwoorder. Er moet een duurzaam beloningsbeleid komen… Maar de kritiek is monotoon en beeldvorming is hardnekkig. Politici zijn vaak te weinig inhoudelijk geïnteresseerd in wat we doen om de zaken op orde te krijgen. Als er blijkt dat een bankier ergens op de wereld onterecht een bonus heeft gekregen, dan zijn ze geïnteresseerd. Ik denk dat het verschil tussen de imagoproblemen van politie en banken erin is gelegen, dat het bij de politie gaat om zaken die korter spelen. De politie heeft veel meer dan de banken de mogelijkheid dagelijks ook positieve zaken te laten zien en zo hun imago weer bij te stellen.
 

U hebt enkele jaren ervaring als manager in de particuliere beveiligingssector. Hoe zou volgens u de verhouding van deze sector met de politie moeten zijn?

Een verregaande werkverhouding lijkt me wenselijk. Goede werkafspraken waarbij de particuliere sector in het verlengde, en niet naast de politie fungeert. Politie is en blijft een schaars artikel. De particuliere sector kan er – deels – voor zorgen dat “de vervuiler betaalt”.
De discussie of ze wel of niet bewapend moeten zijn zou ik niet voeren; laat ze eerst maar eens samen op een meldkamer zitten en geef ze wat meer bevoegdheden.
 

Welke eigenschappen vindt u dat de baas van de nationale politie zou moeten hebben?

Ik denk dat het iemand moet zijn die vooral ook gericht is op de operationele leiding van het korps. Het moet een echte “diender” zijn. De afgelopen jaren waren politiechefs heel politiek-bestuurlijk bezig. Zie bij voorbeeld de IRT-affaire. Ik ben nog steeds van mening dat het niet ging om de opsporingsmethode zelf maar om de vraag wie daarover besliste en leiding gaf. Uiteraard moet de politiechef wel weten hoe de hazen lopen, maar in de eerste plaats is hij politie en geen bestuurder.
 

Als de minister u de functie zou aanbieden, wat zou u dan zeggen?

(hardop lachend) Toen ik in 1988 wegging, heb ik wel eens gezegd dat het de enige reden zou zijn om nog eens terug te komen, maar nu is het te laat.

Max Rozenboom is eindredacteur van het Tijdschrift voor de Politie.
Peter Holla is districtschef van Haarlem, regio Kennemerland.

 
Dit is het NOVA-archief. Vind en bekijk de NOVA-reportages; zoek op trefwoord, datum of bekijk de dossiers.

Ministerie van VWS doet niets aan zorgfraude

15 feb 03 – Door Guido van Ophoven en Karel Ornstein

Het ministerie van VWS leunt al jaren passief achterover bij de bestrijding van fraude in de zorg. Dit blijkt uit een briefwisseling tussen de ministeries van Justitie en VWS waar NOVA inzage in heeft gehad.

 

In onze uitzending twee weken geleden onthulde NOVA dat op grote schaal en stelselmatig fraude plaats vindt in de zorg. De verzekeraars doen daar niet of nauwelijks iets aan. Naar nu blijkt ook het ministerie van VWS niets te doen aan de oplichtingpraktijken van medici en patiënten.

In de studio reageren G. Wilders, woordvoerder van de VVD in de Tweede Kamer, en verantwoordelijk minister van VWS De Geus .

Tags:
zorgfraude,
fraude,
zorg,
de,
geus,
ornstein,
ophoven,
vws,
wilders
 

Hoe banken ons konden oplichten

Auteur: Bart van Oosterhout | 05-10-2009 | Reacties: 6 | Share/Bookmark Mail dit artikel

H Hoe kon het dat banken en verzekeraars jarenlang ondeugdelijke producten verkochten, zonder dat de financiële waakhond ingreep?

 
    inShare0  

Antwoord: veel te slap toezicht. in combinatie met onze koopmanscultuur die zekerheid wil voor de laagste prijs.

‘We werkten volgens een fuikmodel. We oefenden met acteurs. Je moest eerst vragen of de klant ermee akkoord ging dat je een compleet financieel plan ging opstellen. Als hij ja zei, moest natuurlijk alles op tafel komen: van het spaargeld tot de lening bij Wehkamp. Vervolgens ga je ze bang maken. Wisten ze wel wat de gevolgen zijn als je arbeidsongeschikt wordt? Als ze ook maar één vraag hadden over een product, was dat voor ons een verkoopsignaal. Dan ging je door, tot aan de handtekening. Ik ben een gezin tegengekomen met een netto inkomen van 1.600 euro die ze voor 1.500 euro aan verzekeringen hadden verkocht. Ik hield dat niet vol. Vroeger was ik coach; ik wil mensen helpen. Maar dat kan niet in dit vak, het is allemaal gebaseerd op het aanwakkeren van angst, en totaal verkoopgedreven. Je kon je bonus verdubbelen als je in de laatste maanden van het jaar nog zo veel mogelijk beleggingsverzekeringen of koopsompolissen wist te slijten. Ik ken collega’s die twee tot drie ton per jaar verdienden.’

De praktijk die deze verzekeringsagent schetst (anoniem omdat hij nog steeds verzekeringen verkoopt, zij het in loondienst) is wijdverbreid. Alle banken en verzekeraars deden en doen eraan mee. Zeven miljoen Nederlanders kochten in de afgelopen vijftien jaar een beleggingsverzekering, beter bekend als woekerpolis. Hun premies werden belegd tegen zulke exorbitante kosten dat ze in feite werden kaalgeplukt.

Foute producten 1: woekerpolis

De beleggingsverzekering of ‘woekerpolis’ is een ijfrente- of levensverzekering, waarbij de maandelijkse premie (belastingaftrekbaar als je een pensioengat hebt) wordt belegd, vaak in fondsen van de aanbiedende bank. Verborgen kosten lopen op tot veertig procent. Gegarandeerd verlies. Aanbieders: alle verzekeraars

‘Nederland is een bananenrepubliek’, verzuchtte professor Arnoud Boot in zijn weblog na de val van de DSB Bank. Boot voert al vijftien jaar onafgebroken strijd tegen de wanproducten die de financiële sector bedenkt. Maar ondanks zijn invloed – Boot is onder  meer lid van de bankraad, een adviescommissie van De Nederlandsche Bank – konden de banken daar ongestoord mee doorgaan.

De toezichthouder op de financiële markten AFM wist van al deze praktijken en onderzocht ze, maar greep te laat in. Veel te laat. Aan het blootleggen van de aandelenleaseaffaire kwam de toezichthouder nauwelijks te pas. Beleggingsverzekeringen werden pas aangepakt toen er zeven miljoen van waren verkocht, één voor bijna ieder Nederlands huishouden. En ruim vijftien jaar nadat hoogleraar Boot ze aan de kaak stelde. En de DSB Bank? Daar moeten we nog even geduld hebben. De AFM heeft de zaak in onderzoek.

Boete van 120.000 euro: een lachertje

Valt het DSB-debacle niet juist aan die andere toezichthouder, De Nederlandsche Bank en zijn voorzitter Nout Wellink te verwijten? Deels, maar die houdt slechts toezicht op de solvabiliteit van banken, en die was bij DSB, dankzij de hoge winsten op koopsompolissen, juist prima in orde. De problemen ontstonden doordat Dirk Scheringa er een onhoudbaar businessmodel op na hield: het verkopen van financiële producten aan mensen die dat feitelijk niet konden dragen. En daar gaat de Autoriteit Financiële Markten over.

Niet dat de AFM niets deed, alleen hoorden we er zo weinig over. In maart legde de Autoriteit een boete op aan de bank van Scheringa van 120.000 euro. Een lachertje volgens insiders. De winst van een halve dag. DSB bank vocht de boete bovendien aan bij de rechter. En intussen gingen de praktijken gewoon door. Het baarde nauwelijks opzien. Geen consument die ervan schrok, vooral omdat de AFM zijn sanctie verpakte in een voor leken ondoorgrondelijk technisch jargon. Zelfs minister Wouter Bos van Financiën, direct verantwoordelijk voor het toezicht, gaf nog in september te kennen dat hij slecht op de hoogte was van de misstanden bij de bank. Naar aanleiding van een Nova-uitzending over DSB noemde hij de provisies bij de bank ‘totaal idioot’. Kennelijk was hij vergeten dat de AFM hem in juni een vertrouwelijke notitie had gestuurd waaruit bleek dat de provisies bij DSB geenszins idioot zijn. Sterker nog, provisies van tachtig procent op dat soort producten zijn in Nederland volstrekt normaal. DSB is het topje van een ijsberg.

En de ijsberg van koopsompolissen is maar een van de vele ijsbergen die de financiële sector in de afgelopen vijftien jaar heeft geschapen, van de Legioleaseaffaire en de woekerpolissen tot Icesave en de foute hypotheken van DSB. En een nieuwe affaire, rond de beleggingshypotheken, is alweer in de maak.

Foute producten 2: aandelenlease

Beleggen voor mensen zonder geld. Met een lening werd een pakket aandelen aangeschaft, dat tegen de aankoopkoers afbetaald moest worden, ook als de aandelen in waarde gehalveerd waren. Door Tros Radar vanaf 2000 aan de kaak gesteld. De meeste gedupeerden zijn – gedeeltelijk – gecompenseerd.

Antoinette Hertsenberg Antoinette Hertsenberg

Om de vraag te beantwoorden hoe het zover kon komen, moeten we terug naar halverwege de jaren negentig. De innovatie bij banken kwam toen goed op gang, nadat onder het Paarse kabinet, met Gerrit Zalm op Financiën, begonnen was met de deregulering in de financiële sector. In hun internationale ambities zochten bankverzekeraars naar wegen om meer geld uit de markt te halen dan uit slecht renderende spaardeposito’s.

Het patroon is steeds hetzelfde. De bank of verzekeraar bedenkt een nieuw, winstgevend financieel product, vaak een combinatie van een lening en een verzekering met een ondoorzichtige kostenstructuur, zet dat agressief in de markt door hoge provisies aan tussenpersonen te verstrekken, en richt in korte tijd veel schade aan. De toezichthouder, toen nog de Stichting Toezicht Effectenverkeer (STE), is tegen die hausse aan nieuwe producten nauwelijks opgewassen. In dat hiaat springen de media en particuliere belangenorganisaties: Tros Radar, De Vereniging van Effectenbezitters, Pieter Lakeman en ad hoc-stichtingen van gedupeerden zoals de stichting Leaseverlies en de Stichting Woekerpolis Claim.

Honger naar informatie

Na 2000, toen de beurzen wereldwijd instortten door het knappen van de internetzeepbel, blijkt pas hoe rampzalig innovaties als aandelenlease en beleggingsverzekeringen voor consumenten uitpakten. In 2002 besluit de politiek de STE om te vormen tot AFM, een brede toezichthouder onder leiding van voormalig crimefighter Arthur Docters van Leeuwen, die ook de bescherming van consumenten tot taak krijgt. Maar in die laatste doelstelling slaagt ze nauwelijks. De AFM reageert als laatste op de aandelenleaseaffaire, pas nadat het programma Tros Radar, met de mediagenieke presentatrice Antoinette Hertsenberg, er een nationale kwestie van heeft weten te maken. Hertsenberg: ‘Het heeft ons verbaasd hoe groot de honger naar informatie was bij een groot publiek over onderwerpen waarvan je als programmamaker in eerste instantie denkt: wat saai! We bereikten met sommige uitzendingen meer dan twee miljoen kijkers, ongekend hoog voor een informatief programma. De rode draad was de schofterigheid waarmee die producten aan de man werden gebracht, en het gemak waarmee sommigen de schuld bij de consument zelf legden. Ik heb thuis nog een hele map met advertenties van aandelenlease-aanbieders. En in geen ervan staat uitgelegd hoe het werkt en dat je feitelijk een lening afsloot.’

Foute producten 3: beleggingshypotheek

Hypotheek waarbij het gedeelte dat voor aflossing van de hoofdsom is bedoeld, wordt belegd in fondsen van de bank waar de hypotheek loopt. Slechts een klein deel wordt werkelijk belegd. Voorgespiegelde rendementen worden nooit gehaald. Verborgen kosten: tot veertig procent.

Toch lijkt het niet onterecht om ook een deel van de schuld bij consumenten zelf te leggen, gezien het gemak waarmee ze foute producten aanschaften. Nederlanders gaven ruim 65 miljard euro uit aan verzekeringspremies en zijn daarmee op een na het meest verzekerde volk ter wereld. Jaap Koelewijn, hoogleraar corporate finance aan Nyenrode Universiteit, noemt daarnaast ook ons calvinisme als oorzaak: ‘Nederlanders schijnen te denken dat financieel advies gratis is. Klanten lopen gewoon weg als ze horen dat een goed advies twee- tot driehonderd euro per uur kost. Maar ze betalen lachend een half procent extra rente bij een zogenaamd gratis hypotheekadviseur.’

Kosten verhullen

Antoinette Hertsenberg van Tros Radar denkt daar heel anders over. ‘Banken zijn meesters in het verhullen van de werkelijke kosten van een product. Mensen denken aan hun maandlasten. Ze kijken naar de rentepercentages en vergeten de dure bijproducten. Het totaalbedrag wordt zo onduidelijk mogelijk gebracht. Ik heb een gezin in het programma gehad, echt geen domme mensen, die een hypotheekovereenkomst lieten zien van 290.000 euro, maar in de optelsom daarboven stond een bedrag met een min ervoor van zestigduizend euro, voor de aanschaf van vier koopsompolissen. Dat grenst aan oplichting. Trouwens, veel tussenpersonen begrepen zelf niet wat ze precies verkochten (ze werden volgens ingewijden bewust in het duister gelaten; BvO). Hoe moet je dan verwachten dat klanten daar vragen over stellen?’

Foute producten 4: koopsompolis

Verzekering tegen een pensioengat, arbeidsongeschiktheid of overlijdensrisico, waarbij de te betalen premie in één keer wordt voldaan met geleend geld. Vaak gecombineerd met een (hypotheek) lening, om doorbetaling van de rente veilig te stellen. Verborgen kosten tot 80% van de koopsom. Beruchtste aanbieder: Cardif.

Judith van erp Judith van Erp

Hertsenberg, die regelmatig contact heeft met de AFM en zegt dat er binnen die organisatie veel waardering voor haar programma is, heeft wel begrip voor die traagheid. ‘Wij kunnen die zaken op een aansprekende manier brengen. Ik heb op een gegeven moment de term woekerpolis bedacht voor die beleggingsverzekeringen. AFM zou dat nooit kunnen. Ze zijn met handen en voeten gebonden.’

Datzelfde argument gebruikt de AFM, die Intermediair overigens niet te woord wilde staan, ook steevast: ‘We hebben de zaak in onderzoek, maar mogen uiteraard niet ingaan op individuele financiële partijen.’ Dat laatste klopt echter niet, zegt Judith van Erp, criminoloog aan de Erasmus Universiteit Rotterdam en gespecialiseerd in financieel toezicht. ‘In 2007 werd de nieuwe Wet Financieel Toezicht van kracht, die de AFM veel meer armslag gaf. Ondanks fel verzet van de VVD kwam er bijvoorbeeld wel degelijk de mogelijkheid voor de AFM om instellingen die een sanctie krijgen opgelegd met naam en toenaam te noemen. Toch wordt daar nauwelijks gebruik van gemaakt. Dat is deels omdat de onderzoeken te lang in beslag nemen en de sanctie pas volgt als de betreffende bank zijn gedrag onder druk van de media al lang heeft verbeterd. Maar als het wel op tijd gebeurt, gebruikt men vaak technische termen die voor de consument niet te begrijpen zijn. Het morele aspect ontbreekt, waardoor er dus ook nauwelijks een waarschuwende werking van uitgaat. Dat is een gemiste kans. Uit onderzoek blijkt dat de angst voor reputatieschade de belangrijkste drijfveer is voor financiële instellingen om hun gedrag te verbeteren.’

Foute producten 5: uitvaartverzekering

Tweederde van alle Nederlanders van boven de achttien heeft er een. De meesten betalen zo lang premie dat ze het dubbele inleggen van wat uitgekeerd wordt. De helft van de kosten blijken niet eens gedekt. De grootste melkkoe voor Nederlandse verzekeraars.

anne gram Anne Gram

‘Het is de cultuur bij de toezichthouder’, zegt beleggingsadviseur Anne Gram, voormalig chief investment officer bij Fortis Meespierson. ‘De AFM is van oorsprong een instituut dat voor een soepel functioneren van de financiële markten moest zorgen. Het is gewend dat in goed onderling overleg met de banken te doen zonder er ruchtbaarheid aan te geven. Altijd speelt die angst op de achtergrond voor een verlies aan vertrouwen bij het publiek waardoor een bank, zoals we gezien hebben, binnen een paar maanden om kan vallen. Consumentenbescherming hing er een beetje bij. Onder Hans Hoogervorst moet dat drastisch veranderen. Hij wil de bescherming van consumenten centraal stellen. En er is ook wel degelijk veel ten goede veranderd. De zorgplicht is drastisch aangescherpt, er kwam een financiële bijsluiter, inzicht in de kosten van beleggingsfondsen en de provisies van hypotheekverkopers. Maar de cultuur is daar nog niet mee om. Men is te voorzichtig naar de banken. Ze zijn op de goede weg, maar de sancties op het niet nalaven van die vereisten, daar schort het aan. Die zijn te mild en komen veel te laat. Daar moet echt een slag worden gemaakt.’

Gram heeft het falen van het toezicht zelf ondervonden. Als chief investment officer bij MeesPierson, de vermogensbeheerder van het voormalige Fortis, werd ze door de top van het bedrijf aangespoord om vooral de eigen – dure – beleggingsfondsen van Fortis aan de man te brengen. In 2005 kaartte ze de praktijk aan bij haar compliance officer; als geregistreerd beleggingsanalist had ze immers een beroepscode ondertekend waarin staat dat het belang van de klant altijd centraal moet staan. Haar beloning was ontslag. De AFM heeft vier jaar na dato nog altijd geen uitspraak over haar zaak gedaan.Gram, inmiddels werkzaam als onafhankelijk beleggingsadviseur, wil er zelf niets over zeggen, behalve dat het goed zou zijn als een beroepscode verplicht werd voor iedereen in de financiële sector.

Foute producten 6: beleggingsfonds

Aandelenpakket op thema: groenfondsen, vastgoedfondsen, landenfondsen. Er zijn er dertigduizend van in Europa, veel meer dan individuele aandelen. Vier op de vijf presteren slechter dan de index. In de koers zitten verborgen kosten voor transacties, beheer, marketing: tot acht procent.

hans hoogervorst Hans Hoogervorst

Eén belangrijke reden waarom de banken met fluwelen handschoenen worden aangepakt, zeggen insiders, is de sterke verwevenheid van de toezichthouders met de financiële sector. Een voormalig minister, Zalm, werd cfo en ceo van een bank. Een voormalig topbankier, Cees Maas van ING, mocht de lessen van de kredietcrisis onderzoeken. Zijn commissie kwam in maart met een slap rapport, waarin banken nog eens gewezen werd op hun verantwoordelijkheid, maar geen enkel voorstel tanden kreeg.

Ook in het toezicht van De Nederlandsche Bank en de AFM figureren mensen uit de financiële wereld, zoals voormalig ING-topbelegger Angelien Kemna. Zij zijn geneigd te denken vanuit het perspectief van de bankier, niet dat van de gedupeerde klant.

Deels is dat onvermijdelijk, zegt Judith van Erp. ‘In de documentaire van Michael Moore over de crisis probeert een hoogleraar uit te leggen hoe bepaalde derivaten werken. Hij komt daar niet uit, waarop een derivatenhandelaar zegt: “Als-ie het snapte, had hij wel bij ons gewerkt”.’ Dat is het dilemma van de toezichthouder: financiële producten zijn zo ingewikkeld geworden, dat specialisten uit de branche hard nodig zijn. Het is ook de reden dat de AFM moet samenwerken met de branche. Van Erp: ‘Je kunt onmogelijk regels opstellen als je niet weet hoe in de praktijk met producten wordt omgegaan. Je bent afhankelijk van de bereidheid van banken om je mee te laten kijken in de keuken.’

Foute producten 7: spaarrekening

Banken lokken met hoge spaarrentes, maar verlagen de rente stilzwijgend na een half jaar, soms tot de helft van de lokrente. De meeste klanten houden dit niet bij en laten jarenlang hun geld staan tegen een rente die de inflatie niet eens bijhoudt. ING stopte er vorige week mee na twintig jaar.

arnoud boot Arnoud Boot

Is het eigenlijk niet vreemd dat we medicijnen tien jaar testen, terwijl je zomaar financiële producten op de markt kunt dumpen die potentieel giftig zijn voor het financiële stelsel, denk aan de Amerikaanse subprime-hypotheken? Arnoud Boot denkt van niet. ‘Denk je eens in wat de kosten zouden zijn en de administratieve lasten, je zou een sovjet-stijl gedrocht creëren dat iedere innovatie in de kiem smoort.’

Bovendien, zegt Judith van Erp, ‘zit het probleem niet bij de producten zelf. Een tophypotheek die volgestopt is met koopsompolissen voor iemand die dat niet kan dragen, is een slecht idee. Maar moet je daarom de koopsompolis afschaffen? Voor sommige mensen is dat een uitstekend product.’
Niet de producten, maar het gedrag van organisaties, de moraliteit is het probleem. ‘Een toezichthouder alleen kan dat nooit veranderen. Dat moet in samenspel met de media en de sector zelf.’Van Erp denkt dat de morele omslag een lange weg is, maar dat we die, dankzij de crisis, wel ingeslagen zijn. Gram ook, ‘al was het alleen maar omdat de sector drastisch gaat krimpen. Er was een wildgroei aan producten ontstaan in een klimaat van extreme concurrentie. Maar de tijd dat je excessieve winsten kon maken op onnodige en ondoorzichtige producten is nu echt voorbij. We zullen weer terug moeten naar normaal fatsoenlijk bankieren.’

De anonieme tussenpersoon beaamt het: ‘Van de achttien verkopers met wie ik samen in dit vak begon, ben ik nog als enige over. De rest verkoopt waarschijnlijk gewoon weer banken waarop je kunt zitten.’

 

Ook Google en het Leger des Heils hebben bankvergunning

20-11-2008 | Gepubliceerd 12:30
20-11-2008 | Laatst bijgewerkt 15:14

 

Leasemaatschappij Leaseplan heeft een beroep gedaan op de garantieregeling van de overheid. Dat kan omdat het bedrijf een eigen bank heeft om het wagenpark te financieren. Er zijn echter meer ‘vreemde’ bedrijven met een bankvergunning.

Klik hier!
Naast de ING’s en ABN’s van deze wereld zijn er nog vele andere bedrijven met een bankvergunning, zo blijkt uit gegevens van De Nederlandsche Bank (DNB). Een aantal opvallende:

  • Unilever. Dit bedrijf heeft een eigen beleggingsbank. “Unilever Beleggingsbank is een intern bankje van Unilever”, vertelt een woordvoerder van het bedrijf. “Eigenlijk is het meer een spaarbank voor personeelsleden, maar er zijn ook collega’s die er een rekening hebben waar ze hun salaris op laten storten. De bank kent een goede rente. Verder lopen de spaarloonregeling en de optieregelingen via deze bank.” De woordvoerder denkt dat de bank tussen de 4000 en 5000 actieve cliënten heeft “en daarnaast zijn er misschien nog oud-medewerkers die nog klant zijn”.
  • Google heeft sinds vorig jaar een vergunning voor digitale bancaire diensten. Wat het bedrijf hiermee doet? Google was niet bereikbaar voor commentaar.
  • Het Leger des Heils heeft een bankvergunning om gelden van bepaalde cliënten onder zijn hoede te mogen houden. “Een deel van onze cliënten heeft dermate onrustig betaalgedrag vertoond dat ze niet meer welkom waren bij reguliere banken”, vertelt een woordvoerder. “Dat levert tal van problemen op. Want hoe kom je dan bijvoorbeeld aan je uitkering? Voor bepaalde mensen beheren wij dus geld. Zij hebben gewoon een lopende rekening bij ons. Een spaarrekening en dergelijke kennen wij niet.” De lopende rekeningen gaan bij het Leger echter ook verdwijnen. De woordvoerder: “Het is niet meer nodig. Inmiddels zijn banken verplicht iedereen een basisbankrekening te verstrekken. Wij stimuleren mensen dus weer naar een gewone bank over te stappen.”
  • Noot:Het Leger des Heils heeft dus doelbewust onwettelijke taken verricht als maatschappelijke welzijnsorganisatie om zo via hun rechteloze dakloze clienten en hun eigen bijdrages en AWBZ gelden hun evangelische instellingen/werkeenheden financieel te bevoordelen met gesubsidieerde medewerking van de christelijke rijksoverheid na de verzelfstandiging (illegale verkoop)van de woningcorporaties in 1994
  • Stichting Algemeen Maatschappelijk Werk Zeeuws-Vlaanderen heeft een bankvergunning omdat de stichting ook aan schuldhulpverlening doet. “Van mensen van wie wij de gelden beheren ontvangen wij de inkomsten en daarvan betalen wij de vaste lasten”, vertelt Peter Bruggeman. “Dit mag in principe alleen als je een bankvergunning hebt. In de praktijk zijn er echter heel veel bureautjes voor schuldhulpverelning zonder bankvergunning. De overheid treedt daar veel te weinig tegen op.”
  • Woningbouwcorporatie Smallingerland – inmiddels gefuseerd tot Accolade – heeft een bankvergunning om vergelijkbare redenen als Stichting Algemeen Maatschappelijk Werk Zeeuws-Vlaanderen. “Wij hebben gelden in beheer van mensen met betalingsproblemen”, legt een woordvoerder uit.
  • Hewlett-Packard heeft onder meer een vergunning om leningen te mogen verstrekken. Waarom het bedrijf de vergunningen nodig heeft, moet de woordvoerder nog even uitzoeken.

Op de website van het Agentschap van het Ministerie van Financiën staat dat alle banken met een Nederlandse bankvergunning een garantie kunnen aanvragen. Volgens het Ministerie van Financiën wil dit echter niet zeggen dat alle verzoeken van instellingen met een bankvergunning ook gehonoreerd zullen worden. “Nee”, zegt een woordvoerder, “alleen instellingen met een vergunning op basis van artikel 3:111, 2:12 en 2:13 van de Wet op het financieel toezicht komen in aanmerking.”
De meeste van bovenstaande instellingen hebben andere vergunningen, behalve Unilevers Beleggingsbank. Die zou dus in aanmerking komen. Leaseplan ook, want deze leasemaatschappij heeft een vergunning op basis van artikel 2:12. Een andere opvallende partij die in theorie wel in aanmerking zou komen voor overheidssteun, is de Anthos Bank. Dit is de privé-bank van C&A-familie Brenninkmeijer, volgens de Quote 500 de rijkste familie van Nederland.

 

 
De Groene Amsterdammer
Graaien voor de goede zaak Natuurlijk kent Nederland zijn schandalen. Maar ze missen de meeslependheid die ze elders hebben. Want Nederlanders sjoemelen in de marge, en doen dat vaak ook nog in het algemeen belang. Een geruststellend idee? Nou nee De ritselaars: Beknopte Nederlandse schandaalwijzer van Harm van den Berg wordt zondag 27 april gepresenteerd in de Balie te Amsterdam. ELK LAND krijgt de affaires dat het verdient. In het calvinistische Nederland zijn seksschandalen zeldzaam. Sinds minister Sydney van den Bergh in 1959 vanwege een scheiding moest aftreden, kunnen politici er zonder gevaar maîtresses op nahouden.
Pieter Hilhorst
Het enige seksschandaaltje dat we kennen, was het hoerenbezoek van de burgemeesters Faber en Smallenbroek. En dat kwam alleen in het nieuws doordat de heren met omstanders op de vuist gingen.
Nederland is ook geen land waar politici groots en meeslepend corrupt zijn. Het zijn ‘kleine krabbelaars’, zoals Lubbers de voormalige CDA-staatssecreataris Van Zeil noemde. Van Zeil liet de klusjesman van de woningbouwvereniging waar hij commissaris was, werken aan zijn huis zonder daarvoor te betalen. Het voordeel werd later op maar liefst 6500 gulden geschat. PvdA-kamerlid Harry van den Bergh handelde met voorkennis in aandelen Fokker. Zijn winst was 12.000 gulden.
Alleen VVD’er Albert Jan Evenhuis en premier Lubbers pakten het groots aan. Evenhuis leende 225.000 gulden van zijn buurman, om deze vervolgens als staatssecretaris van Economische Zaken een investeringspremie van 6,3 miljoen te verstrekken. Lubbers schakelde de overheid in om te zorgen dat Koeweit een openstaande rekening van zijn familiebedrijf Hollandia Kloos alsnog betaalde. Voordeel: 12,5 miljoen.
Nederland is het land van plichtsgetrouwe schuinsmarcheerders. Het grootste gevaar voor de publieke moraal schuilt in typen als Molkenboer, die als regeringscommissaris met de beste bedoelingen belastinggeld in de bodemloze put van RSV pompte. In vakbondsleiders die meewerken aan het lozen van werknemers in de WAO omdat dat beter is dan ontslag. Of in rechercheurs die tonnen hasj verhandelen om zo de georganiseerde criminaliteit een gevoelige klap toe te brengen.
Dat wil niet zeggen dat Nederland geen zakkenvullers kent, maar uit De ritselaars, een door NRC Handelsblad-journalist Harm van den Berg geschreven overzicht van de belangrijkste politieke schandalen van de afgelopen 25 jaar, blijkt dat de grootste zakkenvullers zich niet onder politici bevinden, maar in de kring daaromheen. De meeste ritselaars opereren in het schemergebied tussen publiek en privé. In Nederland is dat schemergebied groot. In het slotwoord van De ritselaars schrijft politicoloog Koen Koch dat de verzuiling een vruchtbare voedingsbodem is voor corruptie. De politieke controle op het maatschappelijk middenveld is klein en de scheiding tussen het publieke en het private domein is vaag.
Door de terugtreding van de overheid is dat schermergebied de laatste jaren zelfs gegroeid. In veel organisaties wordt zonder effectieve politieke controle gewerkt met publieke middelen. De directeur van de staatsloterij, Leo van Gastel, had na de verzelfstandiging vrij spel. Hij profiteerde daar schaamteloos van door zijn eigen software-bedrijfje te verkopen aan automatiseringsbedrijf Getronics en vervolgens te regelen dat de Staatsloterij een grote klant werd van Getronics. Omdat de opbrengst van de verkoop afhankelijk was van de omzet van zijn bedrijf na vijf jaar, spekte Van Gastel indirect zijn eigen portemonnee.
In Nederland blijkt soms te worden gegraaid in het algemeen belang. Om hun beleidsdoelstellingen te behalen, zijn politici bereid om fraude van zakelijke partners met de mantel der liefde te bedekken. In de enquête over de bouwsubsidies gaf Gruijters, voormalig minister van Volkshuisvesting, grif toe dat hij de woningbouwverenigingen had laten sjoemelen met de stichtingskosten van nieuwbouwwoningen omdat er anders onvoldoende zouden zijn gebouwd. Nog voor Neelie Kroes Tankcleaning Rotterdam van de gebroeders Langeberg een miljoenensubsidie verstrekte, was op haar ministerie reeds bekend dat de broers al eens waren veroordeeld voor illegale lozingen in de Amsterdamse haven. De minister verwachtte, zoals ze later zei, ‘geen dominees in de haven’. De gebroeders Langeberg waren niet brandschoon, maar concurrent Booy Clean was nog erger. En dus konTankcleaning Rotterdam spoedig ook in Rotterdam beginnen met illegale lozingen.
DE COMBINATIE van gebrek aan toezicht en dwang om resultaten te boeken is dodelijk. Het valt daarom niet te verwachten dat het geritsel de komende 25 jaar afneemt. Bestuurlijke modeverschijnselen als contractmanagement, verzelfstandiging en uitbesteding zijn niet bevorderlijk voor de publieke moraal. Om bedrijven te lokken zullen creatieve gemeenteambtenaren de regels te ruim interpreteren.
In het vorig jaar verschenen boek Het verhaal van de moraal schrijft Mark Bovens al dat de afschaffing van de gedwongen winkelnering bij het Rijksinkoopbureau de kans op geritsel groter maakt. Veel meer ambtenaren hebben iets te vergeven. En er zijn genoeg bedrijven die de nieuwe Sinterklazen willen fêteren.
Nederland is een land waar ritselaars weinig te vrezen hebben. Masson, directeur beleggingen van het ABP, werd wegens gebrek aan bewijs vrijgesproken. Prins Bernard moest om de Lockheed-affaire zijn functies opgeven en mocht geen uniform meer dragen, maar strafrechtelijk vervolgd werd hij niet. Ironisch genoeg kregen de omkopers zelfs hun zin: de regering schafte de vliegtuigen aan waar het allemaal om begonnen was.
Er bestaat een cultuur van straffeloosheid, met het Pikmeer-arrest als voorlopig hoogtepunt. Met dit arrest bepaalde de Hoge Raad dat lagere overheden niet kunnen worden gestraft voor overtredingen als ze ‘binnen een overheidstaak’ handelen.
Ritselaars moeten in Nederland pas oppassen als ze liegen tegen de Tweede Kamer. Ruud Lubbers is voor zijn creatieve omgang met regels en verantwoordelijkheden nooit de laan uit gestuurd, terwijl Robin Linschoten voor minder moest vertrekken. Het verschil zit hem in de omgang met de Tweede Kamer. Linschoten had de exorbitante salarissen voor de bestuursleden en de ultiem korte sollicatieprocedure voor Dian van Leeuwen kunnen overleven als hij iets eerlijker was geweest. Dan had Paul Rosenmöller hem ook nooit Robin de Ritselaar kunnen noemen.
DE BEKNOPTE Nederlandse schandaalwijzer van Harm van den Berg is ontluisterend voor wie meende dat echte schandalen in ons land niet voorkomen. Toch heeft het overzicht ook iets geruststellends. De geboekstaafde schendingen van de publieke moraal zijn tenslotte onthuld en daarmee is de morele orde een beetje hersteld. De vraag is alleen hoe groot de kans is dat misstanden boven tafel komen.
Het is opvallend dat de meeste schandalen niet door journalisten zijn opgediept. Doorgaans doen zij hun naam als waakhond pas eer aan als justitie, de Rekenkamer of het parlement al in actie zijn gekomen. Soms komt de overheid in actie door een ritselaar met wroeging, zoals wegenbouwer Baars die weigerde nog langer smeergelden te betalen aan Limburgse bestuurders. Soms door klokkeluiders die de politiek verantwoordelijken wijzen op de schandelijke gang van zaken.
Maar vaak komt de overheid niet of laat in actie. Een ambtenaar kreeg, toen hij het gesjoemel met de stichtingskosten van nieuwbouwwoningen in Rotterdam meldde bij het ministerie, te horen dat hij niet geacht werd die kosten te controleren. De klachten van de bewoners van de gifwijk in Lekkerkerk werden in eerste instantie genegeerd. Pas toen monteurs van het waterleidingbedrijf meldden dat de waterleiding werd weggevreten, stelde de gemeente een onderzoek in. De ontdekking van veel misstanden is net te toevallig om er zeker van te zijn dat de Beknopte Nederlandse schandaalwijzer de hele ijsberg laat zien en niet het topje.
Nederland is het land dat weinig van zijn fouten wil leren. Telkens opnieuw krijgt de boodschapper van het slechte nieuws eerst het deksel op de neus. Als tenslotte ontkenningen geen zin meer hebben, kibbelen politici over de vraag of de politiek verantwoordelijke moet vertrekken. Zelden proberen ze het schemergebied te verkleinen of de controle te versterken. Ze blijven praten in termen van markt en resultaat, waar ze zouden moeten denken over macht en tegenmacht. En dus zullen we nog vaak worden opgeschrikt door affaires die we stuk voor stuk verdienen.
 
Dick Swaab

Dick Swaab Hoogleraar neurobiologie

01 oktober 2010 Reageer (231) 4650 x bekeken Politiek RSS

De mythe van de eigen verantwoordelijkheid

Wat dit kabinet kan leren van de hersenwetenschappen

Wij komen ter wereld met hersenen die door een combinatie van onze genetische achtergrond en de programmering gedurende de ontwikkeling in de baarmoeder uniek zijn geworden en waar onze karaktereigenschappen, talenten en beperkingen al voor een belangrijk deel in zijn vastgelegd.

Dit geldt niet alleen voor het IQ, het ochtend- of avondmens-zijn, de mate van spiritualiteit, neurotisch, psychotisch, agressief, antisociaal en non-conformistisch gedrag, maar ook voor de kans die we lopen op hersenziekten zoals schizofrenie, autisme, depressie en verslaving. Zijn wij eenmaal volwassen, dan zijn er grote beperkingen aan de modificeerbaarheid van onze hersenen, en liggen onze eigenschappen vast. De bouw van onze hersenen die zo tot stand is gekomen bepaalt hun functie, wij zijn ons brein.

We zitten door onze genetische achtergrond en alle factoren die vervolgens op onze vroege hersenontwikkeling hun permanente effect hebben gehad vol met ‘interne beperkingen’ en zijn dus niet vrij om te besluiten te veranderen van gender-identiteit, seksuele oriëntatie, het niveau van onze agressie, van ons karakter of onze moedertaal.

‘Aangeboren’ is daarbij niet hetzelfde als ‘erfelijk’. Op het moment dat de genen van onze vader en moeder geschud zijn, hebben wij een belangrijk deel van ons karakter, IQ, en de kansen op hersenziekten voorgoed meegekregen. Maar vanaf het moment van de conceptie speelt ook de omgeving in de baarmoeder een essentiële rol in de hersenontwikkeling.

Omgevingsfactoren zijn cruciaal voor de hersenontwikkeling, maar in tegenstelling tot wat werd gedacht in de jaren zestig en zeventig is niet zozeer de maatschappelijke omgeving na de geboorte, als wel de chemische omgeving voor de geboorte het belangrijkste. Wij weten bijvoorbeeld uit het Amsterdamse Hongerwinteronderzoek dat intra-uteriene ondervoeding de kansen verhoogt op schizofrenie, depressie, een antisociale persoonlijkheidsstoornis, verslaving en vetzucht. Ondervoeding in de baarmoeder leidt tot een gestoorde hersenfunctie van het kind, waardoor dit kind in volwassenheid niet in staat is voor optimale omstandigheden en voldoende voedsel voor een volgende generatie te zorgen. Alleen een betere verdeling van het beschikbare voedsel over de wereld kan die vicieuze cirkel doorbreken.

Toch speelt ook de omgeving na de geboorte een rol bij de ontwikkeling van de hersenen. Stimulatie tijdens de vroege fase in een omgeving die door het kind als veilig en vertrouwd wordt ervaren is cruciaal voor een optimale hersenontwikkeling. Verwaarlozing of misbruik van een jong kind kan leiden tot een permanent achterblijvende hersenontwikkeling en verhoogde activatie van de stress-as. Vervolgens is er maar een relatief klein probleem in de omgeving nodig om de stress-as sterk te activeren en een depressie te veroorzaken. Een snelle ingreep van hulpverleners bij een kind dat in zulke omstandigheden opgroeit, is noodzakelijk, en vraagt om een veel efficiëntere organisatie van het hulpverleningscircuit. Ook de hechting van het kind kent een kritische ontwikkelingsfase, waarbij het oxytocine, ‘het hechtingshormoon’, een belangrijke rol speelt. Te lang zonder ouders of pleegouders en de oxytocinespiegels zijn langdurig, mogelijk zelfs permanent verlaagd. Plaatsing van een kind uit een kindertehuis in een pleeggezin moet dan ook zo vroeg mogelijk plaatsvinden, wil een optimale hechting aan de pleeg-ouders nog mogelijk zijn. Een stimulerende verrijkte omgeving is noodzakelijk voor een goede hersenontwikkeling na de geboorte.

De politiek is nooit tot de conclusie gekomen dat de ‘maakbaarheid’ van onze hersenen een onjuist concept was. Integendeel, vanaf de jaren tachtig begon de politiek, als reactie op de topzwaar geworden verzorgingsstaat en de economische crisis van toen, de eigen verantwoordelijkheid van mensen voor hun welvaart en welzijn sterk te propageren. Mensen zouden hun lot in eigen hand hebben, werd ze verteld. Dat klopt niet met de vele studies die laten zien dat de capaciteiten van mensen in grote mate worden bepaald door erfelijke eigenschappen en invloeden uit de omgeving tijdens de vroege ontwikkeling.

Als er een achterstand in het onderwijs is opgelopen, dan is dit moeilijk in te halen. Een aangeboren gebrek aan capaciteiten is helemaal niet in te lopen. Bovendien worden aan mensen in de huidige prestatiemaatschappij steeds hogere eisen gesteld, en lijken steeds meer mensen daar niet aan te kunnen voldoen. Mensen die onvoldoende capaciteiten hebben meegekregen of psychische problemen hebben, krijgen nu onterecht de schuld van hun eigen mislukking.

Een gemakkelijke oplossing voor deze problematiek is er niet. We kunnen het uiterste proberen te doen om de vroege ontwikkeling zo goed mogelijk te laten verlopen en schadelijke invloeden te voorkomen. Maar we moeten ook accepteren dat in zo’n complex proces als de hersenontwikkeling zo nu en dan iets mis zal gaan, wat altijd bij een klein deel van de mensen zal leiden tot onvoldoende capaciteiten, geestelijke achterstand en neurologische of psychiatrische problemen. Dit kan ieder kind overkomen in ieder gezin, en de maatschappij zal daar haar verantwoordelijkheid ten volle voor moeten nemen met aangepaste banen, uitkeringen en een goede praktisch gerichte begeleiding. Hier ontbreekt nog veel aan. Men moet tevens door opleiding en voorlichting proberen de schuld van deze problematiek niet langer in de schoenen te schuiven van degenen die buiten hun schuld een hersenontwikkelingsstoornis opliepen.

Lees meer over de werking van onze hersenen in het nieuwe boek van Dick Swaab: Wij zijn ons brein

Over anaconda15

1.80 meter lang blauwe ogen Nederlands Techneut en gek op wetenschap Erg handig en visionair
Dit bericht werd geplaatst in Uncategorized en getagged met . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s