FW: Uitstelbrief Kamervragen over het artikel ‘verslavingszorg zelf ontspoord’

From: kingkong1621@live.nl
To: a.bosman@tweedekamer.nl; amsterdam@sp.nl; b.braakhuis@tweedekamer.nl; b.dboer@tweedekamer.nl; b.vbochove@tweedekamer.nl; brigitte.vdburg@tweedekamer.nl; bureau@nationaleombudsman.nl; c.aptroot@tweedekamer.nl; c.coruz@tweedekamer.nl; cda.publieksvoorlichting@tweedekamer.nl; cdja.maastricht@gmail.com; christenunie@tweedekamer.nl; cie.vws@tweedekamer.nl; d66@tweedekamer.nl; e.blanksma@tweedekamer.nl; e.irrgang@tweedekamer.nl; e.dijkgraaf@tweedekamer.nl; f.bashir@tweedekamer.nl; g.wilders@tweedekamer.nl; groenlinks@tweedekamer.nl; h.beertema@tweedekamer.nl; h.brinkman@tweedekamer.nl; h.bruins-slot@tweedekamer.nl; h.drost@tweedekamer.nl; h.vbommel@tweedekamer.nl; h.weijgertse@tele2.nl; hart@sbs.nl; i.dezentje-hamming@tweedekamer.nl; i.vdbesselaar@tweedekamer.nl; ikg@cmo-flevoland.nl; i.y.tan@chello.nl; info@bijstandsbond.org; j.cohen@tweedekamer.nl; j.houwers@tweedekamer.nl; j.klaver@tweedekamer.nl; j.klijnsma@tweedekamer.nl; j.vanbemmel@tweedekamer.nl; j.vklaveren@tweedekamer.nl; j.biskop@tweedekamer.nl; l.jacobi@tweedekamer.nl; jasper.vdijk@tweedekamer.nl; k.arib@tweedekamer.nl; k.dijkhoff@tweedekamer.nl; k.vaartjes@amnesty.nl; kamer@sp.nl; k.ferrier@tweedekamer.nl; l.bontes@tweedekamer.nl; l.bouwmeester@tweedekamer.nl; l.hartings@tweedekamer.nl; l.voortman@tweedekamer.nl; m.agema@tweedekamer.nl; m.azmani@tweedekamer.nl; m.berndsen@tweedekamer.nl; m.vdam@tweedekamer.nl; n.albayrak@tweedekamer.nl; office@feantsa.org; p.jansen@tweedekamer.nl; info@pvv-gelderland.nl; r.beers@opvang.nl; r.berends@groenlinkszwolle.nl; r.knops@tweedekamer.nl; redactie@eenvandaag.nl; redactie@volkskrant.nl; s.blok@tweedekamer.nl; s.dijksma@tweedekamer.nl; m.sterk@tweedekamer.nl; t.jadnanansing@tweedekamer.nl; tros@radar.nl; w.vanbeek@tweedekamer.nl; zembla@vara.nl
Subject: FW: Uitstelbrief Kamervragen over het artikel ‘verslavingszorg zelf ontspoord’
Date: Thu, 27 Dec 2012 15:20:29 +0100

Gericht aan kamerleden en de media etc.,

Ter kennisgeving,ook in Zwolle is de verslavingszorg ontspoord,het gaat alleen maar om de AWBZ inkomsten om de organisaties en pseudo-werkgelegenheid overeind te houden met medewerking van gemeentebesturen die maar subsidies blijven toekennen aan genoemde verslavingszorginstituten Tactus en Creating Balance en leger des heils.maar resultaten kunnen niet worden gemeten omdat Creating Balance zwaar verslaafden naar Thailand stuurt om af te kicken bij boeddistische monnikken maar deze afgekickte verslaafen ziet men niet terug keren naar Nederland en blijken daar te werken.
 
 
 
»

Artikel: ‘Sandra grijpt laatste strohalm’

 

20 januari 2009

Door: Adri van Drielen
Hoezeer instellingen ook hun best doen, altijd vallen er mensen buiten de boot. Deze personen toch helpen vraagt soms om een onorthodoxe aanpak. Creating Balance van Ron Gerrits gaat vooral praktisch aan de slag. Gerrits kijkt vooral naar de vraag en de mogelijkheden van de cliënt. Behalve op overlast veroorzakende daklozen richt hij nu zijn werkwijze ook op mensen met langdurige verslavingsproblemen. Voor hen is een uniek rehabilitatieprogramma opgesteld, dat zich hoofdzakelijk in Thailand afspeelt.„Ik wil gewoon een nieuw leven.” Goed voorbereid op een langdurig verblijf in Thailand is Sandra vast van plan met de hulp Creating Balance de kans, die het project Once in a lifetime (OLT) haar biedt, te grijpen. Samen met initiatiefnemer Ron Gerrits stapt ze aanstaande donderdag in het vliegtuig. Al jaren vecht de 36-jarige Zwolse tegen haar drugsverslaving. Zonder succes. Ze raakte diep in de schulden en de kinderen (jongens van 17 en 14 jaar) kwijt. „Ik kon niet eens meer voor mezelf zorgen. Ik heb al enkele keren bij de Zwolse poort gezeten, maar houd het niet vol.” Na doorverwijzing door de zorgaanbieder Limor kwam ze bij Creating Balance en Ron Gerrits terecht. Die heeft intussen nog vijf mensen, die voor het Thaise traject in aanmerking komen. Nog eens Limor, Gerrits’ Zwolse project Street-care en contacten met Tactus en gemeente leverden die kandidaten op.Voor Sandra heeft Gerrits intussen al veel geregeld. Zo is – om geld uit te sparen – de huur van haar huis opgezegd. Dat gebeurt wel in de wetenschap dat er bij thuiskomst met medewerking van de corporaties een andere woning beschikbaar is. „Op een andere plek, om niet in de oude omgeving terug te hoeven keren”, meldt Gerrits. Hij heeft ook onderdak voor de hond van Sandra en opslag van de inboedel geregeld. Verder zijn nu al forse stappen gezet op weg naar het herstel van haar sociale netwerk. Er is met de ouders en de kinderen gesproken. Niet alleen het contact met hen, maar ook dat met oude vrienden is hersteld. Een aantal gaat mee naar Schiphol om Sandra uit te zwaaien. Vervolgens worden ze de komende maanden via e-mails en videoboodschappen op de hoogte gehouden van Sandra’s belevenissen. Dat videodocument is ook belangrijk voor de achterblijvers, maakt Gerrits duidelijk. „Ze zien en horen wat er allemaal gedaan wordt en dat er behoorlijk wat werk door Sandra wordt verzet.” „Ik ben blij dat ik nu ga”, maakt Sandra duidelijk. Makkelijk zal het niet zijn, realiseert ze zich. Met name de eerste zes weken in de Thamkrabok-tempel zullen zwaar zijn. Om te beginnen legt ze daar de belofte af dat ze geen drugs en alcohol meer zal gebruiken. Vervolgens wordt ze geacht elke morgen om vijf uur naast haar bed te staan. Na de start van de dag met bewegen, huishoudelijke klussen en meditatie wacht een dagtaak. Stenen bakken en beelden maken zijn enkele activiteiten van de tempelbevolking. Naast het koken en het gebruiken van de maaltijden is er tijd voor stoombaden. En natuurlijk het nuttigen van de kruidendrank. Na de gezamenlijke
(gebeds)bijeenkomst van zeven uur ’s avonds zit er dan weer een dag op.
Sandra oogt optimistisch. Wat helpt is dat haar jongste zoon haar een hart onder de riem stak door een boeddhabeeldje mee te geven. „Ja, ook m’n kinderen staan weer voor honderd procent achter me.”
Een halfjaartje Thailand en ernstig verslaafden, die in eigen land al diverse vergeefse pogingen deden om af te kicken, kunnen een nieuw leven gaan leven. Nee, een vakantie is het bepaald niet. En ja, het komt een beetje triviaal over om als verslaafde juist naar een omgeving vol opium af te reizen. Maar Ron Gerrits van Creating Balance gelooft heilig in het bijzondere project dat hij heeft opgezet. Een geheime kruidendrank om te ‘ontgiften’ is de basis van het project Once in a lifetime (OLT), maar daarnaast komt er heel wat meer voor kijken om de verslaafde op het rechte pad te zetten en – eenmaal thuis – een terugval te voorkomen. Zijn in Thailand wonende broer Luc zette Gerrits op het spoor van de werkwijze in de tempel Thamkrabok. En vorig jaar raakte daar 45-jarige Zwollenaar Erik (na tientallen jaren) eindelijk van zijn verslaving af. De man, die was gaan gebruiken na traumatische ervaringen in Libanon, kwam overigens niet terug naar Nederland. Hij bleef in Thailand en leeft daar nu als monnik. De kruidendrank, volgens een door de monniken ontwikkeld geheim recept, is de peiler in de werkwijze. „Die zorgt ervoor dat
iemand in zeer korte tijd afkickt zonder afkickverschijnselen”, vertelt Gerrits. Het programma van zes weken in de tempel voorziet in heel veel meer: activiteiten als mediteren, sporten en gewoon werken.
Aansluitend volgt nog een periode van vier maanden in het noorden van Thailand. Daar heeft Gerrits de beschikking over een guesthouse. In een volstrekt onbekende omgeving, helemaal op zichzelf teruggeworpen, in een volstrekt andere cultuur en met een ‘redelijk strakke structuur’ probeert de ex-verslaafde er helemaal bovenop te komen. Gerrits heeft het over ‘in contact komen met de wereldbevolking’ en ‘dingen terugdoen’: „Onderdeel van het programma is een tocht van anderhalve week door de jungle, om kennis te maken met de bergbevolking. Arme mensen die gelukkig zijn zonder bezit. Dat maakt duidelijk dat we in Nederland weinig te klagen hebben.” Veel tijd wordt gestoken in leren en vrijwilligerswerk, bijvoorbeeld in de ouderenzorg en in weeshuizen.

Alleen een verblijf in Thailand is nog geen enkele garantie voor succes. Al voordat de cliënt de koffers pakt moet er veel zijn geregeld. En Creating Balance gaat vervolgens een kansrijke terugkeer voorbereiden. „Het mag niet zo zijn dat bij terugkomst in het koude Nederland, in de harde werkelijkheid, een klets om de oren wacht.” Bij terugkomst in Nederland moet huisvesting zijn geregeld en – minstens zo belangrijk – een sociaal netwerk zijn geactiveerd. Het afhandelen van eventuele schulden en de zoektocht naar regulier werk zijn andere actiepunten. „Dan alleen vallen mensen niet terug in het bekende gat”, weet Ron Gerrits. „We moeten ons als hulpverlener zo snel mogelijk misbaar maken. Dat kan als iemand weer gezonde en normale mensen om zich heen heeft. De hulpverlener moet een passant zijn.” Hoe optimistisch Gerrits ook over zijn OLT-project is, hij heeft nog wel een ernstig probleem op te lossen: de financiering. Veel aspirantcliënten kosten de maatschappij veel geld vanwege detentie en/of opnames in klinieken. Toch klopte hij tot op heden vergeefs bij het Zorgkantoor aan. „Ze hadden geen bestedingsruimte en erg geïnteresseerd waren ze ook niet”, blikt Gerrits terug. Vooralsnog moet hij het proberen te redden met krappe ‘budgetjes’ uit AWBZ en WMO. Bij lange na niet voldoende, want alle kosten op een rij gezet vergt het traject voor één persoon toch al snel zo’n 35.000 euro. Vandaar ook de oprichting van de steunstichting Creating Chances en een ‘zusterstichting’ in Thailand. Giften en donaties zijn vooralsnog erg belangrijk. ‘Het betere knip- en plakwerk’, erkent Gerrits. „In de hoop dat, als de resultaten er komen, wordt ingezien dat deze werkwijze uiteindelijk veel goedkoper is dan de meer reguliere aanpak.”
Met zijn bedrijf Creating Balance pakt Ron Gerrits op een geheel eigen wijze problemen van en met mensen aan. Zo kreeg Creating Balance eind vorig jaar van de gemeente Zwolle de opdracht het project ‘Street-care’ uit te voeren. Dat richt zich op de top 25 van overlastveroorzakers onder Zwolse dak- en thuislozen. Gerrits is tevreden over de eerste resultaten. „We hebben met steeds meer mensen uit die top 25 contact.” Dat werd recent nog duidelijk tijdens de ‘nieuwjaarsreceptie’, die Gerrits in zijn Zwolse ‘hoofdkwartier’ aan de Ternatestraat 5 organiseerde. „Er kwam weer een aantal voor ons nieuwe mensen mee. Zo krijgen we steeds meer contacten.” Met de directe en pragmatische aanpak (‘face to face’) en met de straat als kantoor worden daklozen richting huisvesting en een zinvolle dagbesteding ‘gedirigeerd’. Als de overlast afneemt, verdwijnen de gevoelens van onveiligheid. En wordt de leefbaarheid verbeterd. Om dat doel te bereiken werken Gerrits en zijn medewerkers samen met diverse instellingen, waaronder de politie en de afdeling Sociale Zaken en Werkgelegenheid van de gemeente Zwolle.

Bron: De Stentor

direct aanmelden
middeleninformatie
agenda
webwinkel
 
 
 

Tactus Videokanaal

  

Drug use statistics Library Home Home Universiteit van Amsterdam
Cohen, Peter (2000), De kritiek van de Amsterdamse politie op de drugshulpverlening. Wie heeft gelijk? Het Parool, 8 November.
© Copyright 2000 Peter Cohen. All rights reserved.

De kritiek van de Amsterdamse politie op de drugshulpverlening. Wie heeft gelijk?

Subtitle

Peter Cohen

De chef van politiewijkteam Warmoesstraat behoort tot een klein groepje Amsterdammers dat weet waarom de stad al 20 jaar worstelt met de zwerfjunken. Immers, zijn team krijgt keer op keer de opdracht van de burgemeester om het straatgedrag van honderden werk en thuisloze drugs clochards te veranderen. Inmiddels weten ze in de Warmoestraat wat ze doen, en waarom er geen zicht is op het einde van deze tredmolen. In een voorzichtige brief liet wijkteam-chef Dirk Eeken (Parool 2 november) iets los van zijn scepsis, wat leidde tot kritiek van de hoogste politiebaas in de stad. In het Parool van 3 november zei Kuiper ‘volledig vertrouwen’ te hebben in de huidige aanpak van de drugsoverlast in de Nieuwmarktbuurt. Wie van de twee heeft gelijk? Dirk Eeken heeft gelijk. Omgeven als hij is door oude rotten van de buurt weet hij wat er speelt. Joep de Groot (de voormalige wijk agent van de Wallenbuurt) kent iedereen, net als hoofdagent Willem Schild. Schild is de enige (op zijn best een der weinigen) die fulltime in Amsterdam de junks op straat opzoekt, hun nieuwste sores aanhoort en er iets aan probeert te doen. Het archief van Schild heeft voldoende materiaal voor een paar lijvige rapporten.

In Amsterdam hebben we ook nog een hulpverleningssysteem, dat ruim 20 jaar oud is, voor een groep dak en thuisloze druggebruikers van circa 1500 mensen. Met name de toegang tot gezondheidszorg die de GGenGD biedt is cruciaal. Via methadon en antibiotica blijft het overgrote deel van deze straatbevolking in leven en betrekkelijk gezond.Er zijn uitzonderingen, zoals Iris, die in een stonede toestand door een GvB bus wordt doodgereden. De meesten brengen hun dagen, en soms nachten, door in de straten van de Nieuwmarktbuurt. Die buurt is hun huis, hun societeit, hun drugssupermarkt, hun habitat. Ze delen een vreemd soort buitenmaatschappelijkheid die hen lang geleden is overkomen, en vanwaar ze geen uitweg kennen. Ze maken de buurt af en toe razend. De buurt is immers geen drugssupermarkt, maar een gezellige flaneerplek waar je hoeren , kroegen , kermissen en helers bezoekt of bekijkt. Sinds de jaren zestig is de buurt een gezocht gebied voor stromen toeristen, en een springplank voor intellectuelen en nieuwe middenstanders voor wie een woning binnen de gordel nog buiten bereik ligt.
De groep thuis en dakloze druggebruikers van die buurt is de afgelopen 20 jaar twintig jaar ouder geworden. Ze zijn nu rond de veertig, sommigen hebben AOW, maar nergens te gaan. Hun vrienden en hun cultuur zitten nu eenmaal in de Nieuwmarktbuurt; ze hosselen er hun dope, ze beslechten er hun ruzies en ze bespreken de laatste roddels. Arti et Amicitiae in de open lucht. Veel is er al voor hun bedacht. Slaapplekken, gebruiksruimten, uitkeringbeheer, en voor een handje vol wat heroine op recept. Bruikbare voorzieningen zoals goede slaap- en verblijfplekken, gereguleerd aanbod van drugs, en aanbod van kansen die hun marginaliteit doorbreken zijn er bij lange na niet voldoende.
Het registeren van ‘productie’ neemt heel veel tijd in de ‘drugs’hulpverlening. Zij die zich directeur en chef noemen bedenken voortdurend nieuwe manieren van het werk organiseren. Afspraken tussen hun organisaties worden aan de lopende band vervangen. Doel van dat gedoe is het claimen van voldoende’ productie’ voor elk van hen, en het garanderen dat de organisaties door ijzeren gordijnen van elkaar blijven gescheiden. Kom niet aan mijn soort klanten, kom niet aan mijn subsidie-basis, kom niet aan mijn status. Veel hulpverleners lopen weg, houden het niet vol. Uit gesprekken die ik aan het voeren ben met een aantal van hen blijkt, dat het niet het werk is, maar de ‘bazen’ en de ‘organisatie’ waarop ze afknappen. Er zijn echt nog goede hulpverleners in Amsterdam, maar hun aantal is klein geworden. Ze zijn toegewijd, ze hebben in de gaten dat de belangrijkste hulp zit in het neutraliseren van de gevolgen van marginaliteit, en ze werken zich rot. Ook zitten ze, net als hun klanten, gevangen in een stroop van regeltjes. De afstand tot het niveau waar de besluiten over hun werk worden genomen is enorm. Zij die weggaan zien hun plaatsen bezet door groentjes, avonturiers, leergierige goedwillenden, half-opgeleiden en hete lucht bakkers. Die zitten in hun gebouwen en doen veelal het volgende: als er klanten komen zoeken ze uit waardoor die klanten net niet geholpen kunnen worden, als er geen klanten komen wachten ze af . Dat niet helpen van klanten ligt natuurlijk aan de klanten zelf!: of ze zijn ‘agressief’ of ze hebben een verkeerd verzoek, of ze zijn elders ingeschreven (en dus verboden gebied), of ze doen raar, of ze zijn te laat, of ze hadden raar gedaan en mochten nog niet terugkomen. Vaak ook is de hulpverlener ziek, of met vakantie, of afgeknapt, of op cursus, of met ATV, of ‘gewoon’ afwezig. Zo’n hulpverlener haat zijn klanten en kan beter worden omgeschoold.
De ‘drugs’hulpverlening in Amsterdam is zo verkokerd, dat je het eerst niet gelooft. Nu geloof ik het wel. Het woud aan regels, de bewaking daarvan en de uiterst complexe financiering hebben een bureaucratie opgeleverd die zoveel aandacht voor zichzelf eist dat het echte werk slecht wordt geregeld en te weinig capaciteit heeft. Het lijkt de Universiteit wel. De verschillende organisaties in de hulpverlening werken elkaar tegen, of samen tegen de onderdelen van het opgeblazen keizerrijk dat ‘Jellinek’ heet.
Jellinek gebruikt onderzoeksgeld niet om te weten hoe ze haar klanten ‘helpt’, maar -ik kan er echt niets aan doen- voor marktonderzoek in de Achterhoek over hoe het is gesteld met haar naamsbekendheid. Evaluatieonderzoek binnen de Amsterdamse hulpverlening bestaat niet. En als het zou bestaan, zou het worden tegengewerkt als de duivel zelf. De voorzieningen die er zijn voor de drugsgebruikers (ik maak een voorzichtige uitzondering voor de GGenGD) zijn slecht, verwaarloosd, zonder privacy, vol autoritaire bejegening, slordigheid en personeelstekort. Voor zover ze gebruikt worden is hun toegankelijkheid beperkt. En een schaarse plek in de sociale slaapplaatsen kost 70% van je uitkering! Dus redden de ‘junks’ zich voornamelijk zelf. Geen coke kopen in een winkeltje of bij een huisdealer in de verblijfsruimte? Dan maar op straat. Geen pijpje roken in een omgeving waar je gewoon wordt bejegend -en overdag mag blijven-? Dan maar in het portiek. Niet je eigen dope mogen bewaren in een kastje bij de slaapplaats? Dan maar onder die tegel. Veel hebben deze straatbewoners niet nodig. Ze willen ook best iets anders bij de dope. Voor sommigen is dat de gelegenheid te leren lezen, voor anderen een onregelmatig baantje dat hun levensstijl niet helemaal afpakt. En het simpele inzicht dat ze vrijwel nimmer ‘gewone’ acht tot vijf werkers of ouders zullen worden.
De wijkteam-chef Warmoestraat weet dit allemaal. Hij moet samenwerken met een gefragmentariseerde hulpverlening die niet innoveert, niet inspeelt, en niet inspelen kan. Hij moet werken met onvoldoende politieke aansturing die het veld slechts kent via bobo’s en bureaucraten. Kortom, zijn brief van 2 november was heel gematigd. Op z’n Amsterdams roep ik: “Dirk Eeken, trek je bek toch ’s wat vaker open!”

Last update: February 9, 2010

 

 
 
 

Stelling

 
 

Over een paar jaar zal een grote groep nieuwe verslaafden bij de verslavingszorg aankloppen: de social media-junks

Ja, social media worden voor velen een groot verslavingsprobleem.

 
Nee, voor social mediaverslaving ga je niet naar de verslavingszorg

 

Stem

 
 
 
 
 

Ga direct naar de inhoud, het hoofdmenu of het zoekveld.

U bevindt zich hier: Home > Documenten en publicaties > Kamerstukken > Uitstelbrief Kamervragen over het artikel ‘verslavingszorg zelf ontspoord’

Uitstelbrief Kamervragen over het artikel ‘verslavingszorg zelf ontspoord’

Uitstelbrief Kamervragen over het artikel ‘verslavingszorg zelf ontspoord’

PDF document | 1 pagina | 92 KB

Kamerstuk: Kamervragen | 18-12-2012 | VWS

Uitstelbrief van minister Schippers (VWS) aan de Tweede Kamer over beantwoording van vragen van het Kamerlid Van Veen (VVD) over het artikel ‘verslavingszorg zelf ontspoord’.

Delen op: TwitterHyvesFacebook of LinkedIn

Verantwoordelijk ministerie

 

Samenwerking bij verslavingszorg mislukt

DEN HAAG (ANP) – Het is erg moeilijk om gemeenten, zorgkantoren, justitie en zorginstellingen op vrijwillige basis te laten samenwerken om de verslavingszorg te verbeteren. Dat blijkt uit de evaluatie van drie grote projecten in Rotterdam, Amsterdam en Li

Toepassing AWBZ in zorg ratjetoe

In tien jaar tijd zijn de kosten voor de AWBZ geëxplodeerd van tien naar twintig miljard euro. De regeling wordt gebruikt voor heel veel vormen van zorg. Thuiszorg, gezinscoaching of opvang van verslaafden, grenzen zijn er nauwelijks.
DEN HAAG – Wat in 1967 begon als een regeling om gehandicapten, chronisch zieken en andere mensen met onverzekerbare gebreken te verzorgen, is de laatste jaren uitgegroeid tot een ruif waaruit alle instellingen in Nederland naar believen kunnen pikken.
Vanwege de stijging van de kosten moest bureau Boer&Croon van staatssecretaris Ross (volksgezondheid) onderzoeken of instellingen soms misbruik maakten van de AWBZ. De conclusie is lichtelijk ontluisterend: de regeling is zó breed, zó algemeen, dat fraude helemaal niet nodig is voor instellingen om toch het volle pond binnen te slepen.
Een van meest in het oog lopende gebreken van het AWBZ-stelsel is het gegeven dat ruim honderdduizend mensen wel zorg krijgen zoals huishoudelijke hulp, terwijl een officiële toewijzing (indicatie) daarvoor ontbreekt. Er is niemand die weet of deze mensen wel hulp nodig hebben en zo ja, hoeveel hulp. In de loop der jaren hebben alleenstaanden die bijvoorbeeld leden aan eenzaamheid gewoon huishoudelijke hulp toegewezen gekregen. En als er wel een indicatie is voor bijvoorbeeld tien uur thuiszorg per week, dan mag daarvan met een bandbreedte van vijftig procent worden afgeweken. Ook mogen instellingen die thuiszorg verstrekken de zorg langer laten doorlopen als de indicatie voorschrijft. Maar het komt ook voor dat een indicatiebesluit helemaal geen einddatum heeft.
Uit het onderzoek blijkt tevens dat bijvoorbeeld thuiszorginstellingen declaraties indienen die enorm van elkaar kunnen verschillen. Voor exact hetzelfde geval van een 70-jarige alleenstaande vraagt de ene organisatie voor het leveren van thuishulp bijna twee keer zoveel geld als de andere (265 versus 164 euro). Volgens Boer&Croon brengen overigens de meeste bedrijven het maximum te declareren bedrag in rekening.
Door de bezuinigingen op het welzijnswerk in de afgelopen jaren is het beroep op de AWBZ enorm toegenomen. Welzijnsinstellingen zoals het Leger des Heils konden moeiteloos terecht bij de AWBZ omdat de regels zich hier niet tegen verzetten. Zo krijgt het Leger nu geld om verslaafden op te vangen, voor psychisch gestoorden op eigen benen te laten staan of voor gezinscoaching. De AWBZ-regeling is zodoende het afvoerputje van zorg en welzijn geworden.
De onderzoekers concluderen dat de AWBZ op een gegeven moment een eigen dynamiek heeft gekregen; efficiënt omgaan met overheidsgeld verdween naar de achtergrond . Typerend hiervoor is de rol van de zorgkantoren die de plicht hebben om zo doelmatig mogelijk zorg in te kopen. In plaats dat deze organisaties uitgaven binnen de perken probeerden te houden, waren er voorbeelden van kantoren die juist actief meedachten met instellingen om zo veel mogelijk geld binnen te halen.
Volgens de onderzoekers van Boer&Croon staat echter één ding vast: het opzoeken van de randen van de wetgeving had als doel het in standhouden van de zorgverlening. Dat neemt niet weg dat in de loop der jaren de AWBZ onbetaalbaar is geworden en dat het kabinet-Balkenende maatregelen heeft genomen om de stijging af te zwakken.
Maar als reactie op maatregelen zoals de verhoging van de eigen bijdrage voor thuishulp schreven de koepels voor de thuiszorg (LVT) en verpleeghuizen (Arcares) begin dit jaar brieven naar hun leden onder de kop ‘tips en trucs’ en zochten zij nog meer de randen op van de wettelijke mogelijkheden.
Uit: Dagblad Trouw, 24 september 2004

Over anaconda15

1.80 meter lang blauwe ogen Nederlands Techneut en gek op wetenschap Erg handig en visionair
Dit bericht werd geplaatst in Uncategorized. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s